ILJA LEONARD PFEIJFFER

OVER ZIJN ZOEKTOCHT NAAR PROBLEMEN, ABSOLUTE DEMOCRATIE EN HET GEVAAR VAN RESPECTABELE BURGERS

23/04/2026
[ILJA LEONARD PFEIJFFER] (© [Lina Goethals] | dwars)

Omstreeks elf uur ‘s ochtends lopen we zenuwachtig in cirkels rond de glazen vergadertafel in het dwarslokaal. Nog snel een laatste koffie achterover tikken om net ietwat scherper te zijn. De telefoon gaat een paar keer over. Zijn stem klinkt warm en vriendelijk. Aan de andere kant van de lijn zit een man die zijn vaderland ontvluchtte in 2008 om te ontsnappen aan het ergste wat een schrijver kan overkomen: een land zonder problemen. Nu, bijna twee decennia later, is daar niet veel van over. Daarom is de schrijver met bontjas terug in de Lage Landen voor een collegetour over zijn nieuwste werk: Absolute democratie. dwars sprak met de Avondlander over wat er gebeurt als een democratie zichzelf uitholt met behulp van haar eigen burgers en waarom dat ook jouw probleem is.
 

Nog voor de migratiecrisis en de climax van het massatoerisme verhuisde Ilja Leonard Pfeijffer naar Genua. Italië, welteverstaan. Een rare bestemming als je het de lokale taxichauffeur vraagt, want voor Italianen is Noord-Europa het paradijs op aarde. “Toen ik net hiernaartoe was verhuisd, werd me altijd gevraagd: ‘Waarom Italië?’” Zo belandde Pfeijffer in de paradoxale situatie dat hij Italië moest verdedigen tegen Italianen. “Op een gegeven moment bedacht ik een standaardantwoord: ik zei dat ik van Nederland naar Italië was gegaan, omdat Nederland een land was zonder problemen. En dat is natuurlijk een probleem, want je hebt problemen nodig voor een verhaal”, lacht hij. “Maar dat was in 2008, inmiddels is dat verleden tijd.”
 

het verlichte zuiden

“In Nederland moest ik alles uit mijn duim zuigen, terwijl ik in Italië alleen maar mijn voordeur moest uitlopen om een arsenaal aan problemen te hebben.” Het is deels een grap, zegt hij zelf. Maar niet helemaal. Italië bood hem thema’s aan die in de Lage Landen nog niet eens bestonden, en laat dat nu net de grote onderwerpen zijn waar wij als studenten mee opgroeien. In La Superba beschrijft Pfeijffer zijn onoverwinnelijke liefde voor Genua als een labyrintische stad waar de vluchtelingen langs de kade lopen. Dat terwijl Nederland het nog in Keulen hoorde donderen bij het woord ‘migratiecrisis’. “Italië heeft mij dat soort thema’s aangereikt.” Maar het gaf hem meer dan stof tot schrijven alleen. “Door te wonen in een monumentale omgeving heb ik de angst verloren om monumentaal te zijn. Ik durf wat klassieker te schrijven, maar ook groter en helderder. Ik ben door het licht van Italië helderder geworden.” Pfeijffer plaatst het in perspectief: “Ik ben nooit echt weggegaan. Ik heb alleen mijn territorium een beetje uitgebreid.”
 

een democratie zonder na te denken

Wat hij in Italië zag, was geen ansichtkaart, maar eerder een terugkerend fenomeen: een democratie die zichzelf begon op te eten. Pfeijffer noemt het de ‘absolute democratie’. Hij legt uit: “Het probleem is dat een dictatuur van de meerderheid in de kortste keren heel erg gaat lijken op een dictatuur. Het is eigenlijk een contradictio in terminis.” Pfeijffer pauzeert, haalt diep adem en verduidelijkt. “Een absolute democratie is een democratie die in naam van de democratie de democratie afschaft.”

Daarin hebben politici een cruciale rol. Zij zijn niet de oplossing, maar het probleem. “Je ziet dat politici de neiging hebben om voortdurend aansluiting te zoeken bij de publieke opinie. En dat lijkt dan oppervlakkig gezien democratisch, want ze zoeken verbinding bij wat het volk wil.” Maar volgens Pfeijffer schuilt daar net het gevaar. “De publieke opinie is zo veranderlijk als wat en bovendien incidenteel gestuurd. Er moet maar iets kleins gebeuren en de gehele publieke opinie slaat weer om.” Het gevolg is pijnlijk voorspelbaar: “Een coherent langetermijnbeleid wordt op die manier onmogelijk.” En dan nog harder: “Ze zijn veel meer bezig met hun eigen herverkiezing dan met het landsbelang op lange termijn.”

“Geen enkele politicus durft het aan om te doen wat nodig is, omdat maatregelen op korte termijn heel erg onpopulair zijn.” Klimaatverandering is daar volgens Pfeijffer een goed voorbeeld van. “Het is een van de meest rampzalige problemen die voortkomen uit het onvermogen om na te denken over de lange termijn.” Voor een generatie die haar toekomst voortdurend gereduceerd ziet worden tot wat haalbaar is, klinkt dat minder abstract dan het zou mogen. Want wie de lange termijn opgeeft, verliest vroeg of laat ook de macht. “Politici met dictatoriale agenda’s openen namelijk onmiddellijk de aanval op de pers en op de universiteiten”, zegt Pfeijffer. “Zelfstandig nadenken moeten ze niet hebben: dat is de aartsvijand van dictatoriale regimes.”

De rekening ligt bij onze generatie. Niet als metafoor, maar letterlijk. “Als we het hebben over de grote problemen in de wereld – de klimaatcrisis, ongelijkheid en alle andere grote uitdagingen – dan kunnen we concluderen dat mijn generatie het niet meer gaat oplossen; die hebben de kansen gehad. We moeten het dus hebben van jullie, de volgende generatie. En als ik die gesprekken voer met studenten geeft me dat hoop.” Maar daarin schuilt ook een gevaar. Vaak begint het onschuldig met een leasecontract. “De grootste valkuil is dat je voor je het goed en wel beseft in een rijtjeshuis woont, in een auto met siervelgen rijdt en zoals iedereen in de file staat om je kleine kinderen op te halen van de crèche. We moeten voorkomen dat studenten afstuderen en zich ontwikkelen tot respectabele burgers.”
 

studeren als kritische levenshouding

Zelf is hij naar eigen zeggen nooit klaar met kennis vergaren. Pfeijffer beschouwt zichzelf als de eeuwige student. “Ik blijf studeren, lezen en neerkijken op de burgerlijkheid”, zegt hij met een glimlach in zijn stem. “Dat is echt alles wat we als studenten moeten doen.” Die houding zie je ook terug in zijn werkwijze. “Ik begin bij de eerste zin en dan zie ik wel wat ervan komt. Het moet gewoon organisch onder mijn handen ontstaan.” Voor Pfeijffer geldt dan ook: geen schema’s en geen hoofdstukindelingen. “De interessantste ideeën zijn niet van tevoren te verzinnen, die ontstaan wanneer ik bezig ben.”

Pfeijffer is niet alleen romancier, maar ook essayist. Maar om de complexiteit van een thema te bewaken, verkiest hij de roman boven het essay. “Een essay is bijna altijd een versimpeling. Je reduceert complexe thematiek tot een betoog.” Een roman doet precies het omgekeerde. “Je kunt dezelfde thematiek behandelen zonder dat de complexiteit verloren gaat. Je kunt het dan vanuit verschillende invalshoeken belichten door allerlei verschillende persona’s tegenstellende opvattingen op te leggen en scènes te spiegelen. Met een roman kun je de complexiteit opzoeken door met verschillende lagen te werken.” Het is geen toeval dat een lezer hem ooit vertelde dat La Superba de vluchtelingenproblematiek alsmaar ingewikkelder voor hem had gemaakt. “Dat vond ik een compliment. Daar gaat het om.”

Nu trekt de Librislaureaat door de onderwijsinstituten van de Lage Landen om de honger van studenten te stillen met een collegetour over zijn nieuwe boek. Over de gesprekken die Pfeijffer voert in de aula’s met het studentikoos publiek is hij “zonder enige uitzondering” enthousiast. “Ik ben echt onder de indruk van de betrokkenheid en de deskundigheid van de huidige studentengeneratie. Dat stemt me hoopvol. Maar goed ook, want alle grote problemen van de wereld zijn voor deze generatie.” De man die in 2008 vluchtte uit een land zonder problemen heeft zijn territorium inmiddels flink uitgebreid. De problemen zijn ook niet verdwenen. Voordat Pfeijffer het gesprek beëindigt, benadrukt hij nogmaals zijn eeuwige mantra: “Blijf student.” 
 

vijf Pfeijfferfeitjes

Wat is uw favoriete eten?

Pasta met gorgonzolasaus.

Wat is uw favoriete artiest/muziekgenre?

Muzikaal ben ik eigenlijk echt een omnivoor. Klassiek, pop ... als het maar goed is. Tijdens de pandemie, een soort symptoom van covid, heb ik een ongeneselijke voorkeur voor barokmuziek ontwikkeld, vooral Italiaanse vocale barokmuziek.

Wat doet u het liefst als u niet aan het schrijven bent?

Het liefst ben ik dan aan het wandelen buiten, koffie aan het drinken of naar mensen aan het kijken.

Welk boek zou u iedere student verplichten te lezen?

De Odyssee van Homerus, daar zit echt alles in. Dat is een soort oerknal van de westerse literatuur.

Hebt u een concrete tip voor studenten?

Blijf betrokken.