die niet UGC zijn

30/05/2019
top 5 goed(kop)e bioscopen in Antwerpen (© Lie van Roeyen | dwars)
🖋: 

Zin om eens iets anders te doen dan Netflixen? Wat dacht je van een groter scherm? Hier zijn vijf betaalbare (en originele!) bioscopen in Antwerpen.

 

Bij UCG tel je als student ongeveer 8,80 euro neer voor een kaartje. Jij en ik weten echter dat wanneer we nog een paar weken geduld hebben, dezelfde blockbusters voor bijna niets online komen te staan. Bak popcorn, samen op de bank – makkelijker en goedkoper, toch? Wanneer je toch zin hebt om een keer iets diepgaanders te kijken dan The Avengers of The Lion King, breng dan zeker een bezoekje aan deze prachtige, onafhankelijke bioscoopjes, die nog goedkoop zijn ook. 

 

Cinema Cartoon’s

Cartoon’s draait zowel ‘grote’ als ‘kleine’ films. De rode draad lijkt dat je na de voorstelling altijd iets hebt om over na te denken. Tickets zijn goedkoper dan bij UCG, ook als er dezelfde film draait: 8 euro voor studenten.  Tip: hier scoor je gegarandeerd punten voor een originele date, en je drankje mag mee de zaal in! Nog een groot pluspunt: de kelderbar heeft een unieke sfeer en moet je sowieso een keer bezoeken. 

Op de agenda: heel juni, overdag en 's avonds - Le jeune Ahmed.

De 13-jarige Ahmed radicaliseert op jonge leeftijd. Hij heeft zelfs ambities tot moord en wordt opgenomen. Kunnen het leven en de liefde het tij nog keren?

Bekijk hier de kalender van Cinema Cartoon's

 

De Studio

Velen zullen De Studio kennen als een toffe uitgaansplek. In het antieke schoolgebouw kun je feesten, voorlezen, yoga volgen, drinken, leren en discussiëren, en films kijken. Elke dinsdag is er Trash Tuesday: films die zo slecht zijn dat het bijna kunst is. Daarnaast vertonen ze ook prijswinnende documentaires, met nu en dan een georganiseerde discussie achteraf. En dat voor maar 5 euro.

Op de agenda: voor juni is de filmselectie nog niet bekend, dus houd zeker de website in de gaten!

 

Filmhuis Klappei

Stap naar binnen en ga terug in de tijd: dit is de sfeer die hipsters zo hard proberen te kopiëren. Het filmhuis wordt in stand gehouden door liefhebbers en vrijwilligers, en dat is te merken. Je hebt eigenlijk geen excuus om niet te komen, want ze draaien werkelijk alles. Af en toe organiseren ze debatten en zelfs ecocursussen! Tickets aan 5 euro.

Op de agenda: 2 juni om 10 uur - Trash, mét brunch

Deze filmbrunch wordt gepresenteerd door Intal, een politieke grassrootsbeweging tegen eurocentrisme. In Trash vinden sloppenwijkkinderen uit Rio de Janeiro een mysterieuze tas op de vuilnisbelt. Hierin zitten een portemonnee, een identiteitskaart, een plattegrond en een sleutel. Wanneer ze niet naar de politie stappen met de gevonden spullen gebeuren er rare dingen. Film én lunch voor maar 7 euro. Klik hier voor hun agenda. 

 

De Roma

Dit cultureel centrum organiseert een ongelofelijk breed scala aan activiteiten. Zo worden er geregeld ook voorstellingen, debatten en concerten gehouden. Een troef van De Roma is hun focus op multiculturaliteit. Naar de film gaan kost er gemiddeld 5 euro. Houd de kalender in de gaten voor de volgende voorstelling.

Op de agenda: 5 juni om 20 uur - The Gap

Drie vrienden groeien op in een kansloze omgeving. Eén van hen filmt delen van hun jeugd en legt vast hoe ze al snel volwassen moeten worden. Jaren later keert hij terug om te zien hoe het de anderen vergaat. Een film die geprezen werd voor haar authenticiteit.

 

Cinema Zuid

Last but not least: dit is de onbetwiste prijsklapper uit het rijtje. Voor de prijs van een cappucino (3 euro) zie je geweldige films die buiten de mainstream vallen. De regisseurs komen uit alle hoeken van de wereld. Binnenkort gaat deze cinema samen met De Studio verder. Dit is dus de laatste kans om haar te bezoeken – mét gratis toegang tot het bijbehorende filmmuseum! Wat wil je nog meer?

Op de agenda: 14 juni, 20.30 uur - Percussion Landscapes by Aldo Aranda 

Méér dan iconische films die iedereen een keer gezien moet hebben. Le voyage dans la lune en Un chien Andalou (van Dalí!) zijn kunstwerken op zich. De derde film (Lago Argento (Percussion, tape and video))  is een artistiek project dat een heftige impressie van het leven van mijnwerkers in de Chihuahuawoestijn geeft. Drie films voor 3 euro.

Veel kijkplezier!

 


alcoholgebruik van Antwerpse studenten tijdens de examens

22/05/2019
zuipen of verzuipen? (© Lie van Roeyen | dwars)
🖋: 

Het is weer die tijd van het jaar waarin sociale contacten zich tot een minimum beperken, studenten zich massaal opsluiten in de bibliotheek en ineens allemaal heel creatief worden in het zoeken naar alternatieve carrièremogelijkheden. Drinken we tijdens deze eenzame weken, geteisterd door cursussen en goedbedoelde studieadviezen, ook onze zorgen weg, of blijven de terrasjes in de studentenbuurt leeg? Tijdens de donkerste periodes in het studentenbestaan komen we allemaal voor de keuze te staan tussen wat juist en wat gemakkelijk is: studeren of niet? Studenten kiezen blijkbaar massaal voor de optie 'dapper doorzetten' in plaats van de handdoek in de ring te gooien en onze zorgen te gaan verdrinken.

de Antwerpse student drinkt minder

In een onderzoek van de Vereniging voor Alcohol- en andere Drugproblemen (VAD), waaraan ook de Universiteit Antwerpen, de Universiteit Gent, de Katholieke Universiteit Leuven en de KHLim meewerkten, gaven niet minder dan 19.822 studenten inzage in hun alcoholgebruik. Hieruit bleek dat studenten gezamenlijk minder naar de fles grijpen tijdens de grauwe periodes van het studentenleven. Gedurende het academiejaar en vakantieperiodes slaat meer dan de helft van de studenten minstens één keer per week een glas bier achterover; in examenperiodes daalt dit gebruik aanzienlijk.

In onze grote drank- en drugsenquête, waaraan 961 Antwerpse studenten deelnamen, zagen we een gelijkaardige tendens. We schotelden onze respondenten de vraag voor of ze minder, evenveel of net meer dronken tijdens de blok en de daaropvolgende examenperiode. Niet minder dan 94% van onze respondenten gaf aan hun alcoholgebruik te minderen wanneer ze aan het studeren sloegen, terwijl 5,5% rustig verder dronk op het pre-examenniveau. Slechts vier studenten gaven aan net meer naar de fles te grijpen.

 

een maandje detoxen

Beter in slaap kunnen vallen en ontstressen werd door een respondente opgegeven als aanleiding om meer alcohol te consumeren tijdens de examens. Dezelfde argumentatie werd ook bovengehaald om hun drankpatroon niet te veranderen, alsook de redenering dat ze sowieso al weinig dronken. Hierdoor vonden ze het niet nodig om hun alcoholgebruik aan te passen. Of zoals een respondente het verwoordde: “Plannen is key!”

Voor de meerderheid van de studenten wordt alcohol echter volledig uit de planning geschrapt. Onder de studenten die hun drankgebruik minderen, komt te weinig tijd en het gebrek aan feestjes vaak voor als verklaring om de fles af te wijzen. De sociale component komt ook tot uiting in het volgende antwoord: “Ik associeer alcohol met plezier maken en uitgaan. Het is een sociale handeling. Tijdens de blok kies ik bewust voor een minder verbruik, omdat het sociale aspect ook deels wegvalt bij het klassieke ‘opsluiten voor de blok’.”

Voor velen wordt een maand studeren dan ook al snel een maand detoxen. Kateren en blokken gaan immers niet goed samen, zoals een andere student aangaf. Anderen reikten meer pragmatischere redenen aan: “Zat studeren is niet praktisch. Drinken kan ik heel mijn leven nog, dat diploma moet er nu komen.” Iemand anders vertelde dat hij alcohol links laat liggen tijdens de examens, zodat hij betere punten kan halen en zo in augustus nog tijd genoeg heeft om te feesten. Dat een hogere hersenproductiviteit en het afzweren van drank vaak met elkaar in relatie worden gebracht, wordt ook duidelijk door het volgende antwoord: “Ik drink niets. Hele dagen zwoegen om dan ’s avond de gevormde hersenverbindingen af te breken? Slaat nergens op, lijkt me.”

 

Redenen genoeg dus om van januari en juni (en wie weet zelfs augustus?) standaard Tournée Minérale te maken? Er zijn al vele woorden gevloeid over het drinken van alcohol en het concentratievermogen. Uiteindelijk komen we allemaal op een gegeven moment voor de keuze te staan tussen zuipen of verzuipen in het werk en de stress. Hoewel niet elke rekensom slechts één oplossing heeft, deelde een anonieme student toch nog de volgende wijze woorden: “Alcohol + studeren = problemen.”



en wel gezien moet hebben

22/05/2019
7 series die je nog niet kent (© Lie Van Roeyen | dwars)
🖋: 

De examenperiode is bezig en je dagelijkse leven bestaat uit eat – sleep – read – repeat. Het enige spannende zijn de aankomende examens en of je slaagt of niet. Het einde is nog lang niet nabij en dus moeten we sterk blijven. Wat je in de tussentijd kunt doen om toch nog een beetje te genieten? Precies, series kijken op Netflix! Speciaal voor jou hebben we een selectie gemaakt van relatief onbekende series waar je nog nooit van gehoord hebt, maar die je wel gezien moet hebben. Pas wel op, de series kunnen leiden tot bingewatching.

 

1. destinated survivor

Was jij ook dol op het politieke drama in House of Cards, maar heeft het #metoo-schandaal rondom Kevin Spacey jou doen stoppen met kijken? Dan is Destinated Survivor misschien iets voor jou! In de serie wordt het Witte Huis getroffen door een terroristische bomaanslag, waardoor alle medewerkers overlijden. Er blijft slechts één man over, de weinig-gerespecteerde Tom Kirkman, minister van Huisvesting en Stedelijke Ontwikkeling, die nu dient op te treden als de president van de Verenigde Staten. Deze serie geeft je de dosis actie die je nodig hebt en kijkt makkelijk weg.
seizoenen: 2, afleveringen per seizoen: 21, duur aflevering: 44 minuten

 

2. russian Doll

In Russian Doll is Nadia, gespeeld door Natasha Lyonne, in een situatie terecht gekomen waarin ze steeds opnieuw doodgaat. Daardoor beleeft ze aldoor dezelfde dag en lijkt het nooit meer morgen te worden. We kennen Lyonne natuurlijk als de roodharige, lesbische Nicky Nichols uit Orange is the New Black, waar we meer dan eens hard om hebben moeten lachen. Ook in Russian Doll zul je smullen van haar komische opmerkingen, zelfspot en nuchterheid.
seizoenen: 1, afleveringen per seizoen: 8, duur aflevering: 30 minuten

 

3. big mouth

Ben je gek op animatieseries zoals Family Guy of Southpark? Dan is Big Mouth echt iets voor jou! In deze aanlokkelijk geïllustreerde animatieserie volgen we een stel kinderen die in de puberteit belanden. Daarbij worden ze bijgestaan door zogeheten “hormoonmonsters”: fantasiefiguren die de kinderen aansporen vunzige, brutale en grensoverschrijdende dingen te doen. In deze serie zal je veel herkennen uit je eigen tienerjaren en het werkt daarom extra goed op je lachspieren.
seizoenen: 2, afleveringen per seizoen: 10, duur aflevering: 26 minuten

 

4. disenchantment

Deze geanimeerde fantasy sitcom is geproduceerd door Matt Groening (producer van onder andere The Simpsons). Het hoofdpersonage heet Bean, een prinses die zich zou moeten gedragen als een ware troonopvolgster. De plompe, onfraai-uitziende prinses is echter vaker pokerend en zuipend te vinden in de pub, tot grote frustratie van haar vader. Ze beleeft haar avonturen met een verstoten elfje en een kwade demon aan haar zijde en dat belooft niet veel goeds.
seizoenen: 1, afleveringen per seizoen: 10, duur aflevering: 30 minuten

 

5. the end of the f*cking world

In de serie raken twee pubers, de apathische, bijna psychopathische James en de minstens zo gestoorde Alyssa, bevriend. Althans, dat denkt Alyssa, maar ze weet niet dat James duistere plannen met haar heeft. In het verdere verloop blijken ze toch een diepere connectie te hebben. Hun ongelukkige levensjaren verbindt hen op zo’n gestoorde en ongezonde wijze wat ervoor zorgt dat je wil blijven kijken.
seizoenen: 1, afleveringen per seizoen: 8, duur aflevering: 20 minuten

 

6. fresh meat

Fresh Meat gaat over een groep ongewone en excentrieke jongeren die beginnen aan het studentenleven in Manchester. Ze zijn totaal verschillend, maar raken met elkaar bevriend doordat ze in hetzelfde studentenhuis wonen. Het is de university college serie voor volwassenen, met geweldig droge, zwarte humor en heerlijke Britse accenten. Binnen no time zit je er midden in en ben je verliefd op alle personages. En met vier seizoenen ben je nog wel even zoet.
seizoenen: 4, afleveringen per seizoen: 8, duur aflevering: 40 minuten

 

7. please like me

Onze favoriet is de Australische serie Please Like Me. Josh ontdekt in de eerste aflevering dat hij homo is en krijgt te horen dat zijn moeder probeerde zelfmoord te plegen. Hij besluit te stoppen met zijn studie om voor zijn moeder te zorgen. De serie toont zware onderwerpen als psychische stoornissen en verlies, verpakt in een dosis humor. Hoe kwetsbaar en broos de personages zijn, hoe sterk zijn de dialogen in eenvoud. Het is een werkelijke prachtserie die je laat lachen en huilen tegelijk!
seizoenen: 4, afleveringen per seizoen: 10, duur aflevering: 25 minuten



pottenkijkers

22/05/2019
ijs-koffie of koffie-ijsje (© Suzanne Roes | dwars)
🖋: 

Haal je ‘fat pants’ uit de kast en dij uit met dwars in deze online vreet- en zuiprubriek voor mensen die het nét even anders doen. Mensen die houden van empirisch experimenteren, eetbaar exploreren en extravagant exposeren met een beperkt budget doch calorierijke fantasie.

 

Koffie: het ambrozijn van de studenten. Zeker tijdens de examenperiode is koffie onontbeerlijk voor ons. Hele dagen en lange avonden studeren zonder koffie is voor velen een probleem van apocalyptische proporties. Maar tijdens de examens in juni zitten wij koffieleuten vaak met een ander probleem, namelijk de warmte. Daarom geeft dwars twee koude alternatieven om je dagelijkse dosis cafeïne toch binnen te krijgen en je concentratie een boost te geven.

 

ijs-koffie

Benodigdheden:
•    1 kop koffie
•    2 klontjes suiker of kunstmatige zoetstof
•    1 bolletje vanille-ijs
•    ijsblokjes
•    een kopje en een glas
•    optioneel: melk

Met de eerste stap ben je waarschijnlijk al heel erg vertrouwd: zet koffie en schenk deze uit in een kopje. Deze koffie moet sterk zijn, geen slappe aftreksels waarmee je het eerste uur van een nachtje doorblokken nog niet zou volhouden. De koffie wordt namelijk later verdund door het vanille-ijs en de ijsblokjes, waardoor de smaak vanzelf minder sterk wordt.

Doe de suiker erbij en roer in de koffie tot deze is opgelost. Ter vervanging van de suiker kan je ook kiezen voor kunstmatige zoetstof. Als je helemaal niet zo’n zoetekauw bent, is het ook een optie om deze stap over te slaan en geen suiker toe te voegen.

Laat de koffie afkoelen. Dit kan door hem gewoon op het aanrecht te laten staan tot hij koud is of door hem in de koelkast te zetten. Je kan bijvoorbeeld gewoon ’s ochtends een kopje extra zetten om later op de dag te gebruiken.
Schep een bolletje vanille-ijs in het glas en giet daarna de koffie erover. Zorg ervoor dat je het glas niet volledig vult, want de ijsblokjes moeten er nog bij. Indien je een echte lattedrinker bent, raden we je aan om ook nog wat melk in de koffie te doen.

Doe vervolgens een paar ijsblokjes in het drankje en genieten maar!

 

koffie-ijsje

Benodigdheden:
•    400 ml of 2 koppen koffie
•    2 klontjes suiker of kunstmatige zoetstof
•    melk
•    ijsvormpjes
•    optioneel: karamelsiroop, amaretto, etc.

Ook hierbij begin je met koffiezetten. De hoeveelheid koffie die je nodig hebt is ongeveer 400 ml, wat overeenkomt met twee kopjes. Je maakt de koffie best even sterk als hoe je hem normaal drinkt of iets sterker indien je gewend bent koffie zonder melk te drinken.

Doe de suiker of kunstmatige zoetstof bij de koffie en roer er eens goed door. Wie graag een beetje experimenteert kan ook karamelsiroop, amaretto of nog een andere smaak aan het drankje toevoegen.

Giet de koffie over in de ijsvormpjes en zet de gevulde vormpjes in de vriezer. Een paar uur later kan je dan een studeerpauze inlassen om een koffie-ijsje te eten. Twee vliegen in één klap.

Nu ben je volledig gewapend tegen de warmere examenperiode. Je niet kunnen concentreren vanwege warmte is dan ook een probleem waarvan jij deze keer geen last zult hebben. Maar ook als het heel de maand juni zou regenen en het weer dus laat zien hoe de meesten van ons zich vanbinnen voelen, kunnen deze twee alternatieven wat variatie bieden om de examensleur te doorbreken. Proost en smakelijk!



de betekenisverschuiving van een vrolijk woord

16/05/2019
gay door het leven (© Alex Noels | dwars)
🖋: 

In het boek ‘Forever and a day’ van Anthony Horowitz werd een dorpje beschreven als ‘gay’. Ik was even in de war, alsof de auteur al de inwoners met één woord uit de kast dwong. Meteen daarna drong het tot me door: dit verhaal speelde zich net na de Tweede Wereldoorlog af, toen er in de Engelse taal een andere betekenis van het woord ronddwaalde: ‘vrolijk, zorgeloos’. Weer een mysterie minder! Of toch niet? Want hoe veranderde dit frivool adjectief naar een soms zwaar beladen woord dat aanduidt op wie je verliefd wordt en waar je, of je het nu wilt of niet, voor de prijs van één ook ineens een coming-out bijkrijgt?

 

Mensen die op hetzelfde geslacht vallen, danken het Engelstalige begrip ‘gay’ niet aan het feit dat sommigen op gay prides precies alleen maar opgewekt, fleurig en onbekommerd door het leven dansen. Los van het feit dat dit sowieso een verkeerde aanname is – er zou immers geen prideweek nodig zijn als alle LGBT*’ers (lesbian, gay, bisexual en transgender, plus alle andere seksuele en genderidentiteiten, nvdr.) overal ter wereld zorgeloos hun gangetje konden gaan – moeten we voor de betekenisverschuiving van het woord een ritje maken met onze tijdmachine.

 

taalkundige tijdreis

Eeuwen geleden deden de middeleeuwers al eens taalkundige inspiratie op door over de landgrenzen heen te kijken. Zo leenden ze het nog steeds bestaande Franse woord ‘gai’ om in het Middelnederlands uitdrukking te geven aan iemand die vrolijk was. Ook het Middelengels speelde leentjebuur bij hun Franssprekende overburen aan de andere kant van het kanaal. Sinds dat moment stond ook op het Angelsaksische eiland het woord gay synoniem voor ‘vrolijk, opgewekt en vriendelijk’. Hoewel deze betekenis in het Nederlands de tand des tijds niet doorstaan heeft, is deze in het Frans en het huidige Engels nog steeds in omloop.

Rozengeur en maneschijn was het al lang niet meer in de zeventiende eeuw, toen tijdgenoten dit woord in de mond namen om iemand te beschrijven die ‘losbandig’ of ‘hedonistisch’ was. De negatieve connotatie met ‘immoreel, betreffende prostitutie’ zette zich verder tot in de negentiende eeuw. Zo werd met een gay house een bordeel bedoeld, zoals ook ons Nederlandse begrip ‘meisjes van plezier’ de connectie met ‘vrolijkheid’ lijkt te bevatten. Toch bleven mensen tot het midden van de twintigste eeuw ‘gay’ gebruiken voor een zorgeloos iemand, vooral in tegenstelling tot iemand die wat stijfjes overkwam. Het woord vervulde tevens geruime tijd de betekenis van ‘dronken’ of ‘onder verdovende middelen’.

Al in 1935 kwam de betekenis ‘homoseksueel’ voor het eerst bovendrijven, in een Amerikaans-Engelse lijst van termen afkomstig uit de gevangenis en de criminele onderwereld. Het duurde nog enkele decennia vooraleer deze connotatie permanent bleef kleven aan het woord ‘gay’. Toen Alan Turing enkele jaren na de Tweede Wereldoorlog gearresteerd werd wegens homoseksuele handelingen, in Engeland tot het einde van de jaren 1960 voor mannen strafbaar, was men het er nog unaniem over eens dat homoseksualiteit een ziekte was waarvoor je gediagnosticeerd werd. Dat deze mannen aangeduid werden met een adjectief dat 'bright and showy' betekende, was dan in de eerste plaats ook niet bedoeld om complimentjes uit te delen. Integendeel, het woord werd vooral ironisch gebruikt als afkorting voor mannen die ervoor ‘kozen’ om te leven in een geheime subcultuur.

In deze context ontleende het Nederlands voor een tweede keer het woord ‘gay’ uit een andere taal, ditmaal uit het Engels. In het jaar 1984 werd deze term voor het eerst in onze taal aangetroffen in de betekenis van ‘homoseksueel’. In het daaropvolgende decennium werd het gemunt tot de gewenste en politiek correcte manier om (de geaardheid en zelfs identiteit van) mensen, die een romantisch of seksueel verlangen hebben naar iemand met dezelfde sekse, aan te duiden. Mede dankzij de connotatie van ‘vrolijkheid’, verving het zo de oudere synoniemen als ‘homofiel’ en ‘flikker’, die voor velen eerder negatief geladen aanvoelden.

 

haters gonna hate

De neutrale of zelfs eufemistische connotatie, waarin op objectieve wijze uitdrukking werd gegeven aan iemands seksuele geaardheid, bleef echter niet voor lang bewaard. Bijna onmiddellijk manifesteerde ‘gay’ zich tevens als scheldwoord, waarbij het soms zelfs als synoniem dient voor weak, crap en rubbish. Ook wordt het woord vaak gebruikt om een man met wat meer vrouwelijke trekjes in een (al dan niet onterecht) stereotiep hokje van een homoseksuele man te duwen. Jongens die graag op hun kleren letten, krijgen op schoolpleinen dan ook al snel de vraag: “Ben je gay of gewoon goed gekleed?” Niet alleen is dit een uitermate zwakzinnige manier om iemand te proberen kwetsen (alsof lid zijn van de LGTB*-community in eender welk opzicht beledigend zou zijn!), bovendien gaat dit aan alle verscheidenheid waaruit de deze maatschappij bestaat voorbij. Stereotypering en homogenisering van een bepaalde bevolkingsgroep heeft in het verleden ook niet altijd mooi uitgepakt, dus misschien wordt het eens tijd om enkele belangrijke lessen te trekken uit de geschiedenis.

Eenzelfde evolutie doet zich voor met het woord ‘queer’, dat oorspronkelijk iets of iemand ‘een beetje raar of ongewoon’ betekende. Tegenwoordig wordt dit tevens vaak denigrerend gebruikt voor homoseksuelen of vrouwelijkheid. Een aantal mensen, die zich niet wensen te identificeren met labels zoals homoseksueel of transseksueel, hebben het woord ondertussen gereclaimd om er hun identiteit mee te bestempelen en er zelfs hele actiegroepen naar te noemen. Vandaar dat ‘queer’ ook wel eens in de mond genomen wordt door mensen die indruisen tegen de hokjesmentaliteit betreffende seksuele identiteit.

Hoewel de LGBT*-gemeenschap ‘gay’ over het algemeen als een soort van geuzennaam heeft omarmd en met trots draagt, is er dus nog wat werk aan de winkel; een illustratie van hoe de mensheid er keer op keer in slaagt om iets moois onterecht (gedeeltelijk) te besmeuren. De maatschappij heeft met andere woorden nog wat oppoetswerk voor de boeg, om het woord en alles waarvoor het staat te zuiveren van onnodig (haat uit) onbegrip. Wachten tot de maatschappij vanzelf volwassenen wordt, is net zoals blijven wachten tot België nog eens het Eurovisiesongfestival wint; wachten op Godot! Laten we als LGBT*-community (en sympathisanten) dus vooral het heft in eigen handen blijven nemen, door onszelf deze termen te blijven toe-eigenen. Net zoals ik mezelf ook wel eens meer dan terecht een bitch noem, noem jezelf ook queer, gay, of welke naam je er ook aan geeft. En vooral: wees er trots op!

 


blikopener

15/05/2019
blikopener (Rin Verstraeten | dwars 118)
🖋: 
Auteur

Welke vraag je ook stelt: wanneer je diep in een onderwerp duikt, merk je vanzelf hoeveel verschillende kanten de vraag heeft. Dat monodisciplinaire onderzoeken nog de standaard zijn, is een wonder. Het team van professor Bert Maes binnen de faculteit Wetenschappen werkt aan een onderzoek dat niet alleen interdisciplinair, maar zelfs interuniversitair is. Samen met de onderzoeksgroep van Bert Sels, faculteit Bio-ingenieurswetenschappen KU Leuven, zijn zij op zoek naar alternatieve grondstoffen om onder andere medicijnen uit te maken. Hun nieuwe grote doorbraak? Een kankermedicijn op basis van hout.

 

Het bijzondere aan dit onderzoek zit echter niet in de medische gevolgen, want het gaat hier om een exacte kopie van de medicijnen die gebaseerd zijn op fossiele grondstoffen als aardolie. Een drop-in wordt zo’n kopie-product genoemd, vertelt Maes ons. Om te begrijpen wat er zo belangrijk is aan dit onderzoek moeten we ons dus even van de microscoop onttrekken en een telescopische blik op de toekomst werpen.

 

noodplan

Momenteel worden medicijnen meestal gefabriceerd op basis van stoffen die uit aardolie voortkomen. Die olie is er nog genoeg, maar met de snelheid waarop de mens aardolie wint, zal dat over honderd jaar niet meer het geval zijn. “Er is nog aardolie voor minstens vijftig jaar, maar je kunt niet wachten tot alles opgebruikt is voor je met een alternatief komt,” zegt Maes. De onderzoeken die nu gedaan worden naar dit soort alternatieven zullen waarschijnlijk van levensbelang zijn. Gelukkig is hout in tegenstelling tot olie een hernieuwbare bron.

Door de mogelijkheid te creëren om voor hout te kiezen, beschermt de onderzoeksgroep niet alleen de toekomst van de mensen, maar ook die van het milieu. Althans, dat zou je verwachten. “Je hebt wel een streepje voor als je van een plant vertrekt, want die zet ook CO2 om door fotosynthese,” legt Maes uit. Maar er komt meer kijken bij het in kaart brengen van hoe duurzaam dit alternatief is. “Waar begint het product en waar eindigt het, wat is het leven van zo’n product, wat gebeurt er met het afval…,” de vragen die Maes zich stelt kan hij zelf nog niet beantwoorden. Hier kunnen alleen antwoorden op gevonden worden met meer onderzoek vanuit nog meer verschillende vakgebieden.

 

van hout tot medicijn

 

bouwpakket voor gevorderden

Hout en olie lijken niet op elkaar. Dat het proces naar een zelfde eindproduct ingewikkeld is, zal je vast niet verbazen. “Je moet eerst het hout splitsen in lignine en suikers,” begint Maes zijn uitleg. In het lignine, een biopolymeer, zitten de bouwstenen die door de onderzoekers voor het maken van het medicijn gebruikt worden. De uitdaging is om complexe biopolymeren zoals lignine om te zetten tot een beperkt aantal bouwstenen die je dan op hun beurt kunt omzetten in unieke chemische verbindingen.

 

Het is moeilijk om een biohernieuwbare grondstof in te voeren, ondanks dat ze perfect te maken is.

 

Daar ligt ook een van de grote uitdagingen van de chemie. Bij het uit elkaar trekken van het hout is het van belang dat het aantal verschillende bouwstenen dat uit het proces voortkomt, beperkt is, en je niet een 'soep' aan verschillende bouwstenen hebt, waar je degene die je nodig hebt dan weer moet uithalen. De uitkomst van dit proces is dus niet direct een bruikbare stof, maar een nieuw basisproduct om volgende stappen mee te zetten. Het moet omgezet worden naar weer iets anders. Zo worden er stukken vanaf afgehaald en op gezet, om uiteindelijk de moleculen te krijgen met de juiste functionaliteit. Met andere woorden: heel wat stappen. Het bioherniewbare tijdperk ligt dus niet direct om de hoek.

 

ellebogenwerk

Duurzaamheid en hernieuwbaarheid zijn fijn, maar de doorslaggevende factor voor wat er op dagelijkse basis gebruikt wordt, is nog altijd de markt. Vooral bij een drop-in is concurrentie moordend. Er bestaat namelijk al een product met exact dezelfde chemische structuur en dus exact dezelfde eigenschappen! "De aardolie is niet duur op dit ogenblik, wat het heel moeilijk maakt om zo'n biohernieuwbare molecule in te voeren, ondanks dat ze perfect te maken is." 

Aan dit ingewikkelde proces valt dan ook nog veel te sleutelen. De onderzoeksgroepen zijn druk bezig met het efficiënter maken van het proces en het bedenken van toepassingen voor de bijproducten die in het productieproces overblijven. “Natuurlijk ga je niet heel die biomassa omzetten in één molecule! Je gaat fracties krijgen van verschillende moleculen. Als je niet alles kunt gebruiken, heb je economisch geen goed concept, en creëer je daarnaast ook ongewenst afval,” legt Maes uit. 

Maar in die diversiteit aan elementen zit mogelijk ook het voordeel. Hout heeft functionaliteiten die olie niet heeft. Door niet enkel op drop-ins te focussen kan dat bij nieuwe producten voor een voorsprong zorgen. Hout bevat bijvoorbeeld zuurstof. “Door de vele functionaliteiten die we 'gratis' krijgen uit de grondstof, kunnen we ook nieuwe moleculen maken. Soms met eigenschappen die zelfs beter zijn dan de op aardolie gebaseerde opties. Economisch gezien is dat momenteel een veel betere investering. Een drop-in is namelijk volledig afhankelijk van de markt.”

Het ziet er dus nog niet naar uit dat op hout gebaseerde medicijnen snel vergoed zullen worden door de mutualiteiten. Maar als de olieprijzen gaan stijgen kunnen we op de bomen rekenen. Professor Bert Maes heeft ons al laten zien dat het kan!
 

 


Humans of UAntwerpen

10/05/2019
sashay, shantay (© [Alex Noels | dwars)
🖋: 

Voor studenten geschiedenis zijn Ditmar en Jasmine geen onbekenden meer. De cantor van Klio dwaalde immers tot vorig jaar nog door de departementsgangen op de stadscampus. Nu studeert hij overdag voor leerkracht, maar is hij ’s nachts niet meer te herkennen. Dan is het aan zijn vrouwelijke alter ego Jasmine om de show te stelen.

Jasmine en Ditmar verschillen op zich heel weinig. Allebei verrassen ze met een vlotte babbel en een snedige opmerking als iets hen niet aanstaat. Eventjes laat hij de shade, draglingo voor goedbedoelde beledigingen, en zijn tongue pops achterwege. Hij vertelt vol enthousiasme over hoe Jasmine, zijn drag persona, er pas gekomen is na een serieus duwtje in de rug. “Twee zomers geleden ging ik met vrienden elke week kijken naar een dragwedstrijd in Que Pasa”, vertelt Ditmar. Acht weken lang strijden dragqueens daar in 'Drag University', een talentenjacht voor beginnende dragqueens. “Toen sloot ik een weddenschap met een vriendin: het jaar nadien zou ík op dat podium staan.” En zo geschiedde: Jasmine eindigde als tweede van de tien deelneemsters. Niet slecht, zeker voor de queen met de minste ervaring.

 

tonnen tijd

Een vanzelfsprekende hobby is het niet, zeker voor een student. Naast het prijskaartje voor pruiken, jurken en andere attributen, komt er véél tijd bij kijken. “Make-up alleen duurt al zo'n drie uur. Dan moet ik me nog klaarmaken en optreden”, vertelt Ditmar. Daar stopt het natuurlijk niet bij: als dragqueen moet je immers altijd klaar zijn om te lip syncen for your life en de sterren van de hemel te dansen. “In het begin was het wel zwaar om drag te combineren met mijn studie, studentenjob en Klio. Nu ik het meer gewend ben, gaat dat al stukken beter.”

Die tijd steekt Ditmar er al vanaf het begin maar al te graag in. Zijn bedoeling is vooral om mensen te entertainen - en óf hij dat doet -, maar er lonken ook nog andere verleidingen. “Ik wil graag meedoen aan wedstrijden zoals Miss Travestie België of de ShowQueen Awards”, vertrouwt Ditmar ons toe. Want hoewel het publiek met stip op nummer één staat, zou een dragqueen geen queen zijn zonder die wens voor een kroon. “Het blijft mijn droom om ooit een bekende naam te worden in de Belgische scene, of zelfs op het internationale niveau.”

 

call me mother

Ditmar stond gelukkig niet alleen in zijn leerproces. Antwerpen zit vol getalenteerde dragqueens, waarvan er twee hem graag onder hun vleugels namen. “Latash en Ivana staan heel dicht bij mij. In de praktijk voelen ze zelfs aan als twee moedertjes”, lacht Ditmar. Volgens hem is het belangrijk dat fans van drag en beginnende dragqueens hun weg naar een bar als Que Pasa vinden. “Je moet niet enkel naar programma’s als RuPaul’s Drag Race kijken, ga ook eens je lokale queens bewonderen.” Hoewel die programma’s uiteraard een perfect, inmiddels elf seizoenen en talloze spin-offs rijk, tijdverdrijf vormen. 



kunst op de campus

10/05/2019
[kleinkunst aan de muren] (© [Amber Peeters] | dwars)

Soms kan kunst bevreemdend werken. Meer dan eens kunnen we ons afvragen wat een kunstwerk nu eigenlijk is, wat het moet voorstellen en of het zelfs kunst is. Welk verhaal moeten we erin lezen? De campussen van UAntwerpen staan vol kunstwerken, maar of er veel studenten zijn die ze goed bekijken, valt te betwijfelen. dwars vliegt er echter in en belooft je dat vijf minuten eerder opstaan om de pareltjes op de universiteit toch eens goed te bekijken, helemaal de moeite waard is.

Wat gebeurt er met kunst na een tentoonstelling? Het wordt weer opgeborgen in een archief of in een stoffige kast. Met wat geluk wordt het voor een goede prijs verkocht, of het belandt eenvoudigweg in de living van de maker. Een andere optie is het origineel dramatisch vernietigen zodat niemand anders het ooit nog kan zien – if I can’t have it, no one else can. Of misschien moeten mensen het kunnen blijven bezichtigen! Voor de laatste optie kan je het maar beter weggeven. Aan een universiteit bijvoorbeeld, zoals galeriehouder Ronny Van de Velde bedacht. Eerder stond Museum op Schaal 1/7 ook in Rotterdam, Locarno en Naples (Florida), maar nu heeft UAntwerpen de eer om de minigalerie tentoon te stellen aan een breed publiek.
 
Van de Velde is, in samenwerking met verscheidene hedendaagse Belgische kunstenaars, bekend of minder bekend, de bedenker van Museum op Schaal 1/7. In totaal zijn er ruim een honderdtal kastjes ontworpen, waarvan er 54 in het R-gebouw hangen. Elke kunstenaar was volledig vrij in hoe hij of zij de box invulde en deed dat ook op hun geheel eigen manier. De diversiteit in stijlen en interpretaties valt meteen op als je de R-blok betreedt. De kunstenaars hebben een aantal dingen gemeen: allemaal zijn ze Belg en zijn ze vóór het jaar 2000 actief in de kunstwereld geweest.

 

54 wunderkammers

Het hele idee lijkt net een hedendaags rariteitenkabinet. Zo’n Wunderkammer was vooral in de zestiende eeuw populair en was een van de eerste musea. Er werden diverse objecten in verzameld die voor de verzamelaar van belang waren. De inhoud kon religieus, cultureel, geologisch et cetera gekleurd zijn. Dit vroegtijdige museum kwam in alle vormen en kleuren voor. Het konden hele kamers zijn, overladen met objecten, of prachtig vervaardigde kasten. In eerste instantie was de insteek pragmatisch: door objecten in een kast te steken, kon men gemakkelijk alles van plaats naar plaats transporteren. Het idee van dit verplaatsbare minimuseum werd in de vroege jaren 40 van de vorige eeuw nog eens extra belicht door de variant van de bekende futurist, dadaïst en surrealist Marcel Duchamp. Hij verwerkte dit kabinet tot een serie koffers, La Boîte-en-valise, waar een verscheidenheid aan schilderijtjes in paste. Door de mogelijkheid tot verplaatsing was de betrokkenheid van de toeschouwer ruimer en kwam men in aanraking met een meer divers publiek.
 
Dat alles wordt weerspiegeld in de 54 kastjes in de R-blok. Elke box is een klein museumzaaltje op zich. Sommige kunstenaars hebben dit letterlijk opgevat en hebben bijvoorbeeld deurtjes toegevoegd. Elke zaal is puur naar de stijl van de maker ontworpen. De kleine Wunderkammers tonen zo de Belgische kunstwereld voor 2000, de grote verscheidenheid ervan en ieders persoonlijke stijl. En dat op slechts één wandelingetje op het gelijkvloers van de R-blok.

 

op weg naar de Paardenmarkt

Maar het stopt niet bij die 54. Zoals eerder aangehaald zijn er nog meer kastjes en die zullen op Campus Paardenmarkt terechtkomen. Als de renovatie van deze campus beëindigd is, zullen de overige kastjes daar te bewonderen zijn. Deze renovatie hangt samen met de herbestemming van deze campus, volgend op een architectuurwedstrijd in 2017. De DMT-architecten kunnen hun ontwerp in werkelijkheid omzetten. Volgens hun visie moest de campus zo veel mogelijk van de authentieke en karakteristieke architectuur behouden: zo konden de gebouwen maximaal bewaard blijven. De geschiedenis van Campus Paardenmarkt is immers niet te missen als je doorheen de gangen wandelt. Dat verliezen zou alleen maar jammer geweest zijn. Verder wordt het gebouw ook verbonden met het R-gebouw, zodat het werkelijk één geheel wordt.



blikopener

02/05/2019
blikopener (Rin Verstraeten | dwars 118)
🖋: 
Auteur

Eind november stond de wetenschappelijke wereld even op zijn kop, de toen nog volstrekt onbekende Chinese onderzoeker He Jiankui kondigde vol trots aan dat hij er als eerste in geslaagd was om de mens genetisch te modificeren. Het DNA van twee menselijke embryo’s aanpassen was voorheen ondenkbaar. Wereldwijd reageerden wetenschappers dan ook verbijsterd: niemand had dit zien aankomen én het had nooit mogen gebeuren. De techniek die He gebruikte voor zijn aanpassingen, CRISPR-Cas9, is namelijk nog veel te experimenteel voor onderzoek op mensen. De Chinese baby’s, Lulu en Nana, zijn geboren midden oktober 2018 en niemand weet wat de gevolgen hiervan zullen zijn. Tijd dus om CRISPR eens grondig onder de loep te nemen.

Tot voor kort was DNA aanpassen een erg moeilijk en duur proces. De ontdekking van CRISPR maakte daar snel komaf mee. Het is een methode die onderzoekers in staat stelt om snel en goedkoop aanpassingen te maken aan het genoom, de complete genetische samenstelling van een organisme. Dus ook aan dat van de mens. DNA is de belangrijkste drager van erfelijke informatie en bestaat uit slechts vier basisbouwstenen. Door deze vier basiscomponenten op verschillende wijzen met elkaar te combineren wordt onze volledige genetische samenstelling van oogkleur tot gevoeligheid voor sommige ziekten opgeslagen. 

 

CTRL-c, CTRL-v

Wat CRISPR zo revolutionair maakt, is dat het ervoor zorgt dat we zelf in het DNA kunnen ‘knippen en plakken’. Stukken die we niet willen, knippen we er gewoon uit en gewenste stukken plakken we ertussen. De techniek is zo goedkoop en eenvoudig dat genetisch modificeren geen zaak meer is van dure laboratoria en hooggeleerde professoren. Je kan het bij wijze van spreken al in je tuinhuis doen. Het belooft dus een technologie te worden die een immense impact zal hebben op ons leven. Hoe indrukwekkend het procedé echter is, zo eenvoudig is het idee erachter.

 

Je kan het bij wijze van spreken in je tuinhuis doen.

 

Om te begrijpen hoe CRISPR-Cas9 werkt, moeten we de afzonderlijke onderdelen van de term even van naderbij bekijken. Laat ons beginnen met ‘Cas9’: een enzym dat dienst doet als moleculaire schaar. Het knipt als het ware stukjes uit het DNA. De naam ‘CRISPR’ zelf staat voor clusters of regularly interspaced short palindromic repeats. De naam verwijst naar een speciale plek in het DNA, de ‘CRISPR-zone’, die deel uitmaakt van het natuurlijke afweersysteem van bacteriën. Wanneer een virus een bacterie aanvalt, ‘onthoudt’ deze bacterie welk virus dat was door een stukje DNA ervan bij te houden. Dat stukje virus-DNA slaat hij dan op in zijn CRISPR-zone. De volgende keer dat dit virus aanvalt, kan de bacterie zich zo meteen verdedigen en het virus kapot knippen. Door deze techniek na te bootsen kan de mens op een precieze manier op specifieke plaatsen in het DNA knippen om er delen uit te halen of er net andere stukjes DNA in te steken. Wanneer iemand bijvoorbeeld een fout heeft in zijn DNA, kunnen we op die manier gewoon het foute stukje eruit halen en er het juiste stukje tussen plakken.

 

brave new world

De mogelijkheden van CRISPR zijn dus legio. Er wordt voorspeld dat we tal van ziektes zullen kunnen stopzetten nog voor de eerste symptomen zichtbaar zijn. Zo loopt er momenteel een onderzoek aan onze universiteit waarin gewerkt wordt aan een gentherapie om preventief gehoorproblemen op te lossen. Een bepaalde vorm van doofheid wordt namelijk veroorzaakt door mutaties van het COCH-eiwit. In normale omstandigheden is dat gezond, maar als het eiwit muteert, ontstaat er een foutje in het DNA. Dat foutje kan op latere leeftijd doofheid veroorzaken. Professor Vincent Van Rompaey en zijn team van de onderzoeksgroep Translationele Neurowetenschappen gebruiken CRISPR om deze mutaties op het spoor te komen en los te knippen nog voor er symptomen opduiken. Het onderzoek gebeurt eerst op muizen, maar op termijn hoopt men ook bij mensen de ernst van gehoorverlies hierdoor te verkleinen of het ontstaan ervan te verhinderen. 

Dromen we even verder, dan zijn zaken als hyperintelligente mensen of huis-tuin-en-keuken-biohacking helemaal niet meer ondenkbaar. Het is bijvoorbeeld nu al mogelijk online biohackingkits met CRISPR in te bestellen. We kunnen zelfs nog een stap verder gaan: ook het eeuwige leven is een belofte die CRISPR niet schuwt. Wanneer je weet dat twee op de drie mensen overlijdt aan ouderdom, lijkt dat helemaal niet zo’n onrealistische gedachte. Willen we die weg echter wel inslaan?

 

Het is nu al mogelijk online biohackingkits te bestellen.

 

CRISPR is namelijk zeker niet zonder gevaren. De methode is nog erg jong en te onvoorspelbaar. Ze knipt bijvoorbeeld soms op andere plekken dan de onderzoeker wilde, met alle gevolgen van dien. Als je weet dat één foute verbinding in DNA verantwoordelijk kan zijn voor aandoeningen als borstkanker of mucoviscidose, kan je je inbeelden dat onderzoekers graag de zekerheid hebben dat CRISPR altijd op de juiste plek knipt. Daarnaast is de techniek op zich natuurlijk ook aanleiding voor tal van ethische dilemma's: wat mogen we bijvoorbeeld aanpassen en wat niet? Willen we het syndroom van Down uitroeien of toekomstige ouders de keuze geven over de oogkleur van hun kinderen? Wat als mensen met geld hun intelligentie kunstmatig kunnen verhogen door dure operaties en hierdoor een onoverbrugbare kloof creëren met zij die dat geld niet hebben? En wat met genetisch gemodificeerde supersporters? Met elke evolutie moeten we echter voorzichtig zijn dat ze niet uitmondt in chaos: met CRISPR zou die chaos rampzalig zijn.



Humans of UAntwerpen

02/05/2019
[de student-muzikant] (© [Arne Fivez] | dwars)
🖋: 

Kunstenaar of topsporter, bejaarde of ondernemer, geen enkele soort ontspringt de dans. Je wordt op een dag wakker met de intense drang om je bij Universiteit Antwerpen in te schrijven. Het gevolg: zo veel vreemde vogels dat het uitzonderlijk wordt om normaal te zijn. Elke maand zetten wij een bijzondere student in de kijker.

Simon Fivez is student taal- en letterkunde, al zal hij zichzelf eerder muzikant dan student noemen. Het grootste deel van zijn dagen is hij namelijk frontman bij de band Oriens, de universiteit komt op de tweede plaats. Simon omschrijft zijn band zelf als "een alternatieve rockband met wat Pink Floyd- en Queens of the Stone Age-vibes. Een beetje rock en een beetje experimenteel". De mannen van Oriens zien het professioneel en dus slijt Simon zijn dagen liever in het repetitiehok of op het podium dan in de aula. 

 

van amateurproject tot professionele band

Toen Simon zestien jaar was, startte hij met zijn broer en een paar vrienden een bandje, gewoon voor het plezier. Toen in 2016 gitarist Tim zich bij de bende voegde en Oriens deelnam aan Humo's Rock Rally, werd het snel een stuk professioneler. Sindsdien zijn ze enorm geëvolueerd. "In de afgelopen jaren namen we een cd'tje op, produceerden we enkele videoclips en traden we al zo'n 200 keer op", vertelt Simon.

De bandleden van Oriens hebben grote ambities. "Ik kan nog niet verklappen wat we gaan doen, maar er komt veel nieuws aan in 2019", aldus Simon. "Gelukkig zitten we allemaal op dezelfde golflengte en neemt iedereen de band heel serieus. Dat helpt."

 

meer dan alleen muziek maken

In een band zitten, daar kruipt veel werk in. Simon licht toe: "Hoeveel dat precies is, wisselt van week tot week. We zitten bijvoorbeeld elke zondag van vijf tot twaalf uur 's avonds te repeteren. In een band zitten is meer dan muziek maken alleen, zo moeten we bijvoorbeeld ook met ons management communiceren. Een tijd geleden zetelde ik in de jury van het festival twintig achttien, ook dat hoort erbij. Verder doen we onze sociale media ook helemaal zelf." 

Simon is ook op andere manieren met muziek bezig: "Op maandag geef ik een hele dag les in de Nieuwe Muziekschool in Mortsel, en op dinsdag en woensdag volg ik zelf muziekles. Ik wil namelijk na mijn studie taal- en letterkunde graag toegelaten worden tot het Conservatorium."

"De combinatie van al dat muzikale werk en studeren is natuurlijk niet vanzelfsprekend. Eigenlijk zie ik mijn studies bijna nooit als prioriteit", aldus Simon, "alleen bij grote taken of tijdens de examens maak ik veel tijd voor school." Daarom heeft Simon ervoor gekozen om zijn master te spreiden over twee jaar.

Benieuwd naar Simons band? Je kan ze op Facebook vinden onder @oriensband of beluisteren via YouTube of Spotify.