Meeloper
14/02/2009
🖋: 

Buiten valt de ochtendzon op het binnenhof, de vroegere begraafplaats. Binnen weerklinken koud voetstappen door de hoge gangen. Het gebouw komt zowel weelderig als kaal over en de geur is onweerlegbaar die van een abdij. Elke maand loop ik mee met een bijzondere opleiding. Vandaag word ik priester.

Het appartement van God

Zoals elke weekdag staan de twaalf seminaristen in alle vroegte op. De kamers waarin ze ontwaken zijn misleidend: de persoonlijke en eigentijdse inrichting doet vergeten dat buiten de abdij wacht. Ook de professoren, allen eerwaarde heren, wonen hier. De dag begint om 6u40 met het ochtendgebed in de kapel, gevolgd door een individuele bezinning. Naast de kapel bevindt zich de sacristie, een beetje de coulissen van de kerk. De hosties worden er bewaard in blikken koekendozen en de fles miswijn uit Valencia staat er halfvol op een kastje. De volgende kamer is een klaslokaal, waar na het ontbijt de les zal beginnen. Ik voeg me bij een klas van drie die het eerste deel van de opleiding volgt: twee jaar filosofie. Nog eens drie jaar theologie en een pastoraal jaar later staan deze tieners naar alle waarschijnlijkheid achter het altaar.

 

Het staat geschreven

De prof van het vak Inleiding tot de Bijbel II draagt een hoekige bril en heeft een kruisje op de vest van zijn modern kostuum gespeld. Hartstochtelijk vertelt hij over hoe het Boek der boeken door de eeuwen heen net wel of net niet is aangepast, over hoe vertaalcommissies dogmatische debatten voeren over het woordje ‘maagd’. Ter illustratie slaat hij zijn bijbel open en vraagt de seminaristen hetzelfde te doen. Blijkbaar zijn alle priesters in spe hun Heilige Schrift vergeten, net echte studenten, ietwat ongeïnteresseerd.

 

Na het interpreteren komt het preken: “Je draagt de televisiemis op, miljoenen mensen zijn aan het kijken.” Dat is de situatieschets in de les Verbale Vorming. Matthias vindt de dictieoefening maar niets en kijkt een paar keer naar het uur op zijn gsm. Roel daarentegen stelt zich met een merkwaardig enthousiasme op voor de ingebeelde camera. Ook voor seminaristen is Barack Obama een voorbeeld. Vanwege zijn hiphopoutfit verdenk ik Matthias van een voorliefde voor Afro-Amerikaanse prekers die gospelmuziek en indrukwekkende retorica gebruiken in hun vieringen. Hij geeft toe dat hij zijn misdienst wat levendiger zou maken, maar een prioriteit is dat niet. Matthias hecht meer belang aan de centrale functie van de priester binnen een solide geloofsgemeenschap, liefst een kleine parochie op het platteland. Terwijl de dictielerares het verschil tussen de West-Vlaamse ‘geilige maagd’ en de Standaardnederlandse ‘Heilige Maagd’ uitlegt, beeld ik mij het vooruitzicht van een celibatair leven in. Hoewel ik de liefde Gods nog niet ervaren heb, lijkt het me toch sterk om er de fysieke liefde voor op te geven. Voorzichtig houden de seminaristen verschillende visies na op de seksuele onthouding die de Kerk hen voorschrijft. Binnen de abdij is het onderwerp taboe, zeker voor wie tegen is.

 

De klas theologie telt acht studenten. Hun docent draagt een blauwe trui waar een zwarte kraag met witte boord uitsteekt. Hij heeft in Italië gestudeerd en werkt momenteel aan een doctoraat. In deze les komt de moraal aan bod. Het gaat over hoe het Tweede Vaticaans Concilie vijfenveertig jaar geleden de Kerk moest positioneren in een tijd van financiële en economische groei, maar van geestelijke achteruitgang. De sprong naar 2009 is snel gemaakt. Euthanasie komt ter sprake, zonder dat een discussie volgt. Er worden enkele vragen aan de klas voorgelegd. Hoe moeten kinderen worden opgevoed? Hoe omgaan met persoonlijke vrijheid? Waarom zijn mensen bijgelovig? Hoewel hierop meerdere antwoorden kunnen komen, zegt niemand iets. Alsof de vragen retorisch waren.

 

Heeft U mij geroepen?

De veel te grote refter herinnert eraan dat de Kerk ooit een aantrekkelijke werkgever was. “Bij ruzie kunnen we elk aan een eigen tafel eten”, relativeren de seminaristen de overcapaciteit. Tijdens het middagmaal krijg ik de indruk dat de twaalf het goed met elkaar kunnen vinden, maar blijkbaar worden de gemeenschappelijke televisiekamer en de bar nauwelijks gebruikt. Samenleven blijkt niet altijd even gemakkelijk te zijn. “We hebben elkaar niet gekozen”, klinkt het. Nee, God heeft hen gekozen.

 

Aan de overkant van de eettafel zit een man die duidelijk ouder is dan de rest van de groep. In 1985 heeft hij onverwacht zijn echtgenote verloren. Tussen de soep en het hoofdgerecht wordt mij gevraagd of ik gelovig ben. Dat ben ik niet, maar wanneer mijn overbuur getuigt over zijn roeping na het overlijden van zijn vrouw, zie ik er de zin wel van in. Het kan ook minder dramatisch: één iemand besloot priester te worden na het zien van ‘The Passion of the Christ’ van Mel Gibson, een ander verzette zich nog tegen de roeping door eerst een bachelor Geneeskunde te halen.

 

Een projectiescherm snijdt de zestig meter lange classicistische Kerk van de abdij in twee. Er staat een podium en ter versiering hangen her en der roze rozen. Om 19u zullen de jongeren van het bisdom Brugge hier deelnemen aan Expeditie Paulus, georganiseerd door enkele seminaristen. Ik geloof dat het een aangename avond kan worden.



Vlaamse studentenvertegenwoordiging moet veranderen
14/02/2009
🖋: 
Auteur

De Vlaamse studentenvertegenwoordiging is herschapen tot een bescheiden slagveld. De Vlaamse Vereniging van Studenten (VVS) hoort alle studentenraden van hogescholen en universiteiten te vertegenwoordigen. Dat is echter buiten de studentenraden van de associatie Leuven (StAL) gerekend. Die zijn gezamenlijk opgestapt. Daarop heeft de Raad van Bestuur van VVS beslist ontslag te nemen.

VVS is de koepel van de Vlaamse studentenraden. Vertegenwoordigers van de diverse studentenraden, waaronder ook van de UA, zitten samen in een Algemene Vergadering. Die verzorgt de werking van de organisatie en neemt gezamenlijke standpunten in. Vijf stafmedewerkers, vast in dienst, moeten de ingenomen standpunten helpen realiseren. De Raad van Bestuur, bestaande uit verkozen studenten, houdt zich bezig met de dagelijkse leiding van de organisatie.

 

Die verdeling van bevoegdheden staat niet garant voor een vlekkeloze werking. Drie jaar geleden verweet de Leuvense studentenraad (LOKO) de Raad van Bestuur en de stafmedewerkers dat ze te veel macht hadden tegenover de Algemene Vergadering. Ook slaagde VVS er niet in te wegen op de belangrijke dossiers, luidde de kritiek. LOKO besloot VVS te verlaten.

 

De Raad van Bestuur die dit jaar de dienst uitmaakte, zou zich vast voorgenomen hebben iets aan die structurele problemen te doen. Groep T heeft daar echter een stokje voor gestoken.

 

Groep T(erugtrekking)

De Leuvense hogeschool Groep T kwam eind december vorig jaar lijnrecht tegenover de Raad van Bestuur van VVS te staan over een al dan niet als agendapunt op te nemen herziening van het jobstudentenstatuut. Groep T besloot uit VVS te stappen. De Katholieke Hogeschool Leuven (KHL) volgde Groep T.

 

Zowel Groep T als de KHL maakt deel uit van StAL, de studentenraden van de associatie Leuven. StAL-voorzitter Thijs Smeyers stelde vast dat er met de uitstap van de twee hogescholen nog slechts één StAL-lid aangesloten was bij VVS: de Katholieke Hogeschool Kempen. De andere studentenraden van StAL (waaronder LOKO, Lessius, Ehsal) hadden zich (nog) geen lid gemaakt.

 

Of ze kenden VVS niet, of ze wilden VVS niet kennen.

 

“Na de uitstap van Groep T en KHL hebben we al onze studentenraden geraadpleegd over VVS. Wat bleek: of ze kenden VVS niet, of ze wilden VVS niet kennen. Daarop is er besloten collectief uit VVS te stappen. Hoewel het eerder collectief niet instappen was, met slechts drie aangesloten studentenraden”, vertelt Smeyers.

 

Zonder lid te zijn van VVS namen een aantal studentenraden dus toch ontslag. Anneleen van Campenhout van de Lessius Hogeschool verklaart: “We hebben ons dit jaar niet meer bij VVS aangesloten. Er leefde al langer een gevoel van onvrede. Door een ontslagbrief te sturen, hoopten we een duidelijk signaal te geven.”

 

Met het opstappen van StAL worden slechts 11 van de 28 Vlaamse studentenraden nog vertegenwoordigd. Eerder al stelde N-VA’er Piet De Bruyn een parlementaire vraag of VVS nog wel representativiteit mag claimen als overkoepelend vertegenwoordiger van alle Vlaamse studenten, als niet alle studentenraden aangesloten zijn.

 

Onderwijsminister Vandenbroucke reageerde daarop categoriek door te verwijzen naar het decreet van 30 maart 1999. “Het decreet zegt dat een koepel als VVS de studentenraden van minstens tien instellingen, verspreid over ten minste twee associaties, moet verenigen. VVS voldoet aan die voorwaarde.” De Raad van Bestuur nam echter zijn verantwoordelijkheid en diende zijn ontslag in.

 

Onvoldoende

De uitstap van StAL kwam er niet zomaar, volgens Smeyers. “Het belangrijkste breekpunt voor ons was de achterbanwerking. Een aantal van onze studentenraden was niet eens op de hoogte van het bestaan van iets als VVS. Achterbanwerking was nochtans een aandachtspunt voor de Raad van Bestuur. Daar is niet veel van in huis gekomen.”

 

Smeyers vervolgt: “Ook in de representativiteit van de VVS konden we ons niet meer vinden. Niet alle studentenraden waren op de Algemene Vergadering vertegenwoordigd. Toch vertegenwoordigt VVS alle Vlaamse studentenraden bij de overheid. Er werd onvoldoende gedaan om alle studentenraden te betrekken.”

 

Verder hekelt Smeyers ook nog het gebrek aan prioriteiten van de Raad van Bestuur en de te complexe standpunten die vaak worden ingenomen. Uit het persbericht: “De standpunten van VVS beslaan vaak meer dan 20 pagina’s, zonder een degelijke synthese of een toegevoegd besluit.”

 

Een ander punt van kritiek betreft de stafmedewerkers. Smeyers: “Bepaalde stafmedewerkers hebben te veel invloed. Dat is ook logisch: ze weten meer doordat ze al jarenlang ervaring hebben. Studenten hebben die ervaring niet. Dat zorgt voor een scheefgetrokken verhouding.”

 

De kritiek van StAL is niet volledig nieuw, zullen ze bij LOKO bevestigen. Dat de uitstap van de Leuvense Hogescholen er nu pas komt, heeft alles te maken met ResPACT, een nieuwe campagne van VVS die een kosteloos hoger onderwijs bepleit.

 

StAL is akkoord met een aantal principes van ResPACT, bevestigt Smeyers. “Ik heb vooral problemen met de extreemlinkse organisaties die zich achter ResPACT geschaard hebben. Dat zorgde voor een volledig foute perceptie. De Raad van Bestuur zei dan maar dat de studentenraden die perceptie moesten bijstellen. Dat is echter de taak van de koepelorganisatie die met het initiatief komt."

 

En U(A)?

De UA wordt in VVS momenteel nog vertegenwoordigd door Bart Braem. “De UA speelt een betrekkelijk kleine rol binnen VVS. Wij hebben bijvoorbeeld maar twee stemmen terwijl de UGent er vijf heeft.” Braem gaat ermee akkoord dat niet alles bij VVS op rolletjes verloopt.

 

“VVS heeft ook goede dingen gedaan. Ik denk bijvoorbeeld aan de handboeken voor studentenraden. Problemen zijn er echter ook. De vraag is naar de Raad van Bestuur gegaan om iets aan de problemen te doen. Er werden niet direct resultaten geboekt. StAL heeft dan een signaal gegeven dat ze het echt wel menen.”

 

Braem is medeondertekenaar van een open brief aan VVS, een initiatief gesteund door onder meer vertegenwoordigers van de Gentse studentenraden. Daarin staat: “VVS blijft kampen met grote problemen. De interne werking van VVS is nog steeds als problematisch te omschrijven, vooral wat de verhouding tussen het bestuur en de staf betreft.” Daarnaast haalt de open brief nog de bekende punten van kritiek aan, grotendeels gelijklopend met StAL.

 

Braem vertelt dat een uitstap geen optie was voor de UA. Wel ziet hij de noodzaak voor een reorganisatie van VVS. “Er is duidelijk nood aan meer mensen die bij de werking van VVS betrokken zijn. Maar wie wil zich daar nog voor engageren? Niet alle studentenvertegenwoordigers zijn trouwens even gemotiveerd. Het zijn vaak dezelfde mensen die het woord voeren.”

 

Apolitiek links

Gertie De Fraeye, ontslagnemend voorzitter van VVS, begrijpt dat er verandering moet komen. “De problemen die er nu zijn bij VVS, leven al langer in de organisatie. Dit conflict had zich evengoed vorig jaar kunnen voordoen. Maar toch: sinds het ontslag van LOKO is er al veel veranderd. De organisatie ziet er nu anders uit.

 

“De gebrekkige achterbanwerking is een speerpunt geweest voor de huidige Raad van Bestuur. We hebben de achterbanwerking proberen uit te bouwen door bijvoorbeeld handboeken uit te geven, specifiek voor de studentenraden. Ook hebben we een ronde van Vlaanderen gemaakt om VVS voor te stellen aan de verschillende studentenraden.”

 

Ik kan niet ontkennen dat een aantal mensen met een links profiel nauw bij de werking van VVS betrokken zijn.

 

Dat vaak dezelfde mensen op de Algemene Vergadering wegen, is volgens De Fraeye niet helemaal correct. “Nieuwe mensen hebben het vaak moeilijk om zich te manifesteren, dat is waar. Wat wil je ook in een groep van een vijftigtal mensen. Na verloop van tijd betert dat wel. We nemen die nieuwe mensen ook wel eens apart en stimuleren ze om iets te zeggen.”

 

Dat VVS een wat links profiel heeft, is onzin, zo blijkt. De Fraeye: “Ik kan niet ontkennen dat een aantal mensen met een links profiel nauw bij de werking van de organisatie betrokken zijn.” De Fraeye vervolgt echter: “Bekijk onze standpunten. Soms zitten we ook op één lijn met de christendemocraten. Op andere momenten hebben we weer een liberaal profiel. Vergeet niet dat we vorig jaar nog geprotesteerd hebben tegen de socialistische minister Vandenbroucke. Ik denk niet dat je ons als links kunt vastpinnen.”

 

Trouw

ResPACT heeft echter een onmiskenbaar linkse inslag. Groep T schreef er in haar ontslagbrief het volgende over: “Het permanente 'alles gratis'-idee waar VVS altijd naar streeft, is ideologisch en onrealistisch. Wij zijn van mening dat VVS zich te vaak geprofileerd heeft als een politieke dan wel maatschappelijke organisatie, maar geenszins als een overkoepelende studentenraad.”

 

Een scherpe reactie volgt van De Fraeye: “Ik heb er geen weet van dat wij andere standpunten ingenomen zouden hebben dan de Algemene Vergadering met betrekking tot ResPACT."

 

“Wij zijn trouw gebleven aan de uiteindelijke versie die door de AV is goedgekeurd. Natuurlijk zullen een aantal mensen het wel moeilijk blijven hebben met bepaalde punten.” Het grote probleem van ResPACT zou de steun van de extreemlinkse organisaties zijn. De Algemene Vergadering heeft ingestemd met de basisprincipes van het platform.

 

Hand in hand de toekomst in

Op de volgende Algemene Vergadering wordt normaliter het collectieve ontslag van de Raad van Bestuur aanvaard. Een interim-Raad van Bestuur moet zich dan opmaken om het roer over te nemen. Er moeten zo snel mogelijk nieuwe verkiezingen georganiseerd worden.

 

Ondertussen zitten de verschillende studentenraden samen in een aantal rondetafelbesprekingen. Daarin wordt onderhandeld over een herziening van de bestaande structuren en werking van VVS. Tegelijkertijd zijn er ook nog een aantal werkgroepen in de weer om zich te buigen over inhoudelijke thema’s.

 

StAL-voorzitter Smeyers heeft er goede hoop op dat alles weer in orde komt met VVS. “Als alles wat we hebben afgesproken op de eerste rondetafel ook wordt uitgevoerd, dan komt het allemaal wel goed. Er moeten dingen veranderen, dat zeker. Als dat ook gebeurt, dan zie ik zelfs LOKO er terug in stappen.”

 

Ook De Fraeye ziet in dat verandering noodzakelijk is. Hoop voor de toekomst heeft ze ook, een waarschuwing eveneens. “Er ligt een enorme verantwoordelijkheid bij de rondetafel. Wat als het daar misgaat? Dan gooi je zeventig jaar studentenvertegenwoordiging zomaar weg. Dat mag niet gebeuren.”



Hoe vangt de UA buit?
14/02/2009

Een chique prijs met een tombola, een gratis facelift van je kot of gewoon een coole poster van Wilfried Martens, tegenwoordig moet je er niet veel meer voor doen: je inschrijven aan een hogeschool of universiteit volstaat. De concurrentiestrijd in het onderwijs wordt steeds agressiever gevoerd. Hoe speelt de UA-reclamejongen hier op in? En werkt de werving?

Onderwijs als waspoeder, de vergelijking loopt niet mank. Het vieze woord ‘marketing’ is tegenwoordig een harde business. Instellingen bepalen zo goed als zelf hoe ver ze daarin gaan, regels zijn er niet en zullen er hoogstwaarschijnlijk niet snel komen volgens de Vlaamse Interuniversitaire Raad.

 

De UA houdt het voorlopig sober. Ze legt zich eerder toe op het geven van informatie en profileert zich (nog) niet als merk, in tegenstelling tot de UGent. Dat externen de imagebuilding van de universiteit niet als dusdanig herkennen, vindt communicatieverantwoordelijke Fabienne Destryker niet zozeer negatief: “Het bevestigt dat onze strategie niet doorprikt wordt. Marketing is pas goed als ze ondoorzichtig is. Van de UGent weet iedereen dat ze via een reclamebureau de doelgroep bewerkt."

 

Slogan met dikke nek

De perceptie van de universiteit hangt nauw samen met het imago van Antwerpen. De universiteit pakt graag uit met diens epitheta: een stad met ‘verschillende gezichten’, modestad, ‘pluralistisch’ van aard, jong en innovatief. Het zijn deze waarden die de UA zich eigen wil maken.

 

Nochtans waren de tijden vroeger anders. Het negatieve imago van de stad overschaduwde de universiteit, ten voordele van de stad en de univeristeit Gent, gezien als de hipste en jongste. Een studie bij achttienjarigen uit het Waasland wees uit dat ze Antwerpen zagen als een arrogante, racistische stad waar mensen je de neus afbijten. Dit negatieve beeld raakt stilaan bijgesteld, ‘Studeren doe je immers in Antwerpen’, aldus de slogan van de Associatie. Maar bevestigt die slogan niet juist de Antwerpse dikke nek? Fabienne Destryker meent dat dit gevaar niet denkbeeldig is en dat de slogan misschien herbekeken moet worden met de andere partners. Bovendien focust de slogan op externe en vanzelfsprekende zaken door de stad uit te spelen. Alsof de aangename omgeving de verdienste is van de instellingen.

 

De eigen slogan ‘Kijk verder’ doet het ook niet bijzonder goed, voor zover hij al gebruikt wordt. De geesten zouden er nog niet klaar voor zijn. Waarom is onduidelijk. Is het anders zijn en anders denken waarop de slogan aanstuurt nog altijd een hol begrip op de unief? Ook het golfje in het UA-logo – dat 'de studentenstad aan een stroom’ symboliseert – duidt op een verruiming en ‘open geest’. Wie die boodschap kan ontcijferen zonder handleiding is wellicht de slimste mens van de UA.

 

Huis van wie?

Het Huis van de Student (Sint-Jacobsmarkt 16) is het gezicht van Antwerpen Studentenstad, of zou dat toch moeten worden. Het aanspreekpunt opende onlangs haar deuren, gek genoeg midden in de examenperiode. Bij een rondvraag onder studenten blijkt dat haast niemand het Huis kent. "We verhuisden om praktische redenen in december naar het Huis en hebben nog even tijd nodig gehad om alles klaar te maken en te kunnen openen als infodesk. Nu maken we werk van de bekendmaking van Antwerpen Studentenstad en het Huis van de Student", aldus Veerle Desimpelaere. "Na de inkomende komen de doorstromende studenten aan de beurt, en daar is het zeker om te doen."

 

Bevestigd die slogan niet juist de dikkenekkerij van Antwerpen?

 

Speciaal voor de leken die toch al iets willen weten: vzw Studentenstad organiseert de Lentepoets, Studay, cultuur- en sportcheques en binnenkort ook een afstudeerfeest. Het Huis wil een platform zijn voor studentenoverleg en een wegwijzer. Alumni worden ingezet als ambassadeurs van de stad. Er werd ook een interactieve website gelanceerd.

 

Eigenlijk is dit een uniek gegeven in Vlaanderen, een stad die zo actief meedoet aan studentgerichte communicatie. Alleen zijn er nu zoveel overkoepelende organisaties dat de informatie versnipperd is en de studentenstad geen duidelijk gezicht lijkt te hebben. Want waar moet je naartoe als student: naar studentenvoorzieningen, het STIP of het Huis van de Student? Ook op het net is de weg soms zoek, van de website van Antwerpen Studentenstad naar die van de Associatie en de universiteit.

 

Platte toga

Hoe denkt de UA de slag met andere universiteiten te overleven? Rector Verschoren wil 15 000 studenten bereiken, 4 000 meer dan nu. Of dit tijdens zijn ambtstermijn zal lukken, blijft de vraag. Er zou nog wel wat potentieel zijn in Nederland en in een aantal andere regio’s. Bij onze noorderburen zou het kunstzinnige profiel van Antwerpen erg aanslaan. De UA zoekt haar toevlucht bij kunstenaars als Ramsey Nasr en Pieter Embrechts. Dit jaar krijgt Jan Fabre een eredoctoraat. Tijdens de academische opening trok de rector een toga aan, ontworpen door de modeacademie. Een verwrongen poging om de pers te halen, verzuchtten enkele personeelsleden. “Dat zou wel erg plat zijn. Nee, de toga stond voor een andere boodschap: als de academici dan toch een toga dragen, dan beter iets nieuws en creatiefs. Een ontwerp dat past bij ons profiel", weerlegt Destryker.

 

Om haar imago gestalte te geven, beroept de UA zich alvast niet op dure reclamebureaus. Wij hoorden hun mening wel graag en kregen het advies zelfs geheel gratis.

 

De marketingexpert oordeelt

Communicatiebureau Oskar D werkte in het verleden reeds samen met UAMS, die management-opleidingen verzorgt. Sinds de fusie met de UA zijn er geen budgetten meer voor een reclamebureau en gaat UAMS mee in de beperkte promotie van de UA. Op zich is daar niks mis mee, vindt zaakvoerder Gert Junes. Temidden van de steeds agressievere, schreeuwerige campagnevoering in het onderwijslandschap, kan de UA haar sérieux behouden. Volgens Junes haalt dure ‘above the line’-communicatie, via radio en televisie, weinig uit. Tegenwoordig zoeken studenten vooral op het net naar informatie.

 

De UGent wil echt de toffe uithangen. Kijk maar naar de kleurrijke, ietwat kinderlijke infobrochure.

 

Dit wil niet zeggen dat er niets aan te merken is op de communicatie van de UA. Ten eerste: het logo. Dat wordt niet consequent gebruikt: de grootte, positie, kleuren en samenstelling veranderen naargelang de brochure. Niet bepaald bevorderlijk voor de herkenbaarheid. Het logo op zich is grafisch sterk, maar kan moeilijk op zichzelf staan door het ontbreken van een ‘A’. Nochtans beschikt de UA over een goed uitgewerkt en online beschikbaar Corporate Identity handboek.

 

Ten tweede: de advertenties. Die geven informatie maar zijn niet wervend, er worden geen specifieke campagnebeelden of slogans gebruikt. Een duidelijk vermelde url zou ook niet misstaan.

 

De website van de UA is logisch opgebouwd, met verschillende doelgroepenpagina’s, die echter door elkaar lopen naarmate je verder klikt. De doelgroepen vermelden in een navigatiebalk is aangeraden. Bij ‘Huisstijl’ worden het UA-lied en gedicht van Pieter Embrechts en Ramsey Nasr vermeld, maar hier gebeurt verder niets mee op het net. Ook ontbreekt er een specifieke campagnesite voor toekomstige UA-studenten. De Virtuele Campus is verdwenen.

 

De belangrijkste les voor de UA luidt dan ook dat de communicatie via het internet uitgebouwd moet worden en zich beter tot een doelpubliek moet richten. De communicatie op het net hoeft niet ludiek te zijn, maar moet de universiteit wel een uitstraling geven.

 

De klant oordeelt

Studenten in spe Sophie en Anne kregen onlangs maar liefst twaalf infobrochures in hun brievenbus. Ook zonder was hun beeld over de onderwijsinstellingen en studentensteden gevormd. Antwerpen komt er vrij positief uit, als een stad die uitnodigt tot een verkenning ver van de Meir. Een kot is voor hen geen reden om het verder van huis te zoeken, al lonkt ook het kleine en studentikoze Leuven. De UGent blijkt bij deze studenten toch niet zo populair. Sophie: "Die unief wil echt de toffe uithangen. Kijk maar naar de kleurrijke, ietwat kinderlijke infobrochure." De Gentse slogan ‘Durf denken’ valt wel in de smaak. Plantijn en de VUB scoren ondermaats met hun flashy en ongestructureerde folder. Nee, de infobrochure moet niet blits zijn, maar vertellen over wat ertoe doet: de studies.

 

Die info wordt kritisch gescreend. Het hoge slaagpercentage voor eerste bachelors Geneeskunde mag geen argument zijn om deze richting te kiezen aan de UA. De laatstejaars vragen zich ook af hoe de gebouwen in Wilrijk eruit zien, na het bekijken van het promofilmpje op het net. Terwijl de bib en de Meerminne van de Stadscampus in al hun pracht en praal worden belicht, komt Wilrijk amper in beeld. Buiten de vluchtig doorbladerde brochures en nauwkeurig doorsurfte websites, bezoeken ze studie-informatiedagen, de zogenaamde SID-ins, en open lesdagen. De visitatierapporten van de VLIR lezen ze niet wegens "te moeilijk". Van rankings liggen ze evenmin wakker. Hun studiekeuze staat nog niet vast, de stad wel: voor de ene wordt het waarschijnlijk Antwerpen, voor de andere Leuven.



13/02/2009
🖋: 

Na maanden van bevroren vingers bij het roken van die oh-zo-rustgevende sigaret en zwetende voorhoofden bij mondelinge examens, zijn we bij het volgende Belgische weergenot aanbeland: maartse buien. Niet getreurd, een ouderwetse K-Way en een fonkelnieuwe dwars houden u droog, maar niet binnenshuis!

The Moving Picture Show

Elke dinsdag R-014

Gratis is een basisrecht, een slogan die u ondertussen wel kent van de reclamespotjes op de tv. Wat denkt u ervan om iedere week een gratis filmpje (of twee) mee te pikken? Kom dan elke dinsdag tussen 18u en 21u naar lokaal R-014 op de stadcampus. Host (en ex-dwarser) Vito Adriaensens leidt de films kort in. Meer informatie over de komende programmatie vindt u op www.ua.ac.be/MPS.

 

‘Rubens doorlicht: de Aanbidding door de koningen’

T.e.m. 1/03 Koninklijk Museum voor Schone Kunsten Antwerpen

Bezoekers staan voor deze tentoonstelling vanop een twee meter hoog platform oog in oog met het altaarstuk ‘Aanbidding door de koningen’, door Rubens voltooid in 1624. Het schilderij is één van de pronkstukken van het KMSKA, en is dan ook aan een grondig onderzoek onderworpen. De dossierpresentatie werpt een nieuw licht op de ontstaanscontext, restauratiegeschiedenis, schildertechniek en iconografie.

 

Workshop Deufert+Plischke

2 en 6/03 DeSingel

Kattrin Deufert en Thomas Plischke organiseren dit seizoen de workshop ‘Het lichaam als geheugen’, waarin ze op zoek gaan naar hun eigen herinneringen en die van de deelnemers. Zeer interessant voor dans- en theaterwetenschappers, maar ook voor de enthousiaste amateur. Voor meer informatie en inschrijvingen mailen naar karlien.meganck@desingel.be.

 

Grooverider, Shackleton, Kastor & Dice, Murdock

6/03 Petrol

Petrol is intussen wel gekend om zijn drum and bass feestjes, getuige de duizenden bezoekers voor grote namen als Pendulum. Deze keer zijn het Grooverider, een Britse dj die als sinds de jaren 90 op het podium staat, en Shackleton, één van de grote dubstep-vernieuwers, die u de hele nacht entertainen. Onze eigen dnb-producten Kastor & Dice en Murdock maken het plaatje compleet.

 

PAPER FASHION

6/03 t.e.m. 16/08 MoMu

In samenwerking met Atopos Cultural Organisation onthult het ModeMuseum een bijzonder stukje modegeschiedenis: het gebruik van papier in de mode. We krijgen een unieke verzameling papieren jurken uit de jaren 60 te zien uit de Atoposcollectie, als trapje naar een breder historisch kader. Voor meer informatie kijkt u op de site.

 

‘Nuff Said - maart 2009

13/03 ccBerchem

Iedere maand vindt er in cultuurcentrum Berchem in de Driekoningenstraat een wervelend cabaret met woord, stand-up comedy, video en livemuziek plaats. In maart valt de beurt toe aan Gouden Kabouter-winnaar Jeroen Leenders, Nederlands Kampioen Poetry Slam Najiba Abdellaoui en één van de meest populaire Londense acts van dit moment: Steve Day.

 

‘Extra Muros: All That Is Solid Melts Into Air/Al het vaststaande verdampt’

21/03 t.e.m. 21/06 MuHKA

Het hoofdproject van het MuHKA in het voorjaar van 2009 begon als een concept voor het culturele stadsfestival Stadsvisioenen in Mechelen. De tentoonstelling ‘All That Is Solid Melts Into Air/Al het vaststaande verdampt’ bestaat uit vijf luiken of kleinere tentoonstellingen, een weerspiegeling van de dialoog tussen de vijf curatoren van het MuHKA. Meer info op pagina 27.

 

‘Insert the Passing of a Perfect Day [Revisited]’

T.e.m. 27/03 MuHKA

Katleen Vermeer beoogt met haar installaties een ruimtelijk inzicht bij de bezoeker door zijn eigen lichamelijke aanwezigheid. Ze werkt met verborgen lagen van bepaalde omgevingen en met de manier waarop de relatie tijd en ruimte ervaren wordt. Deze installatie is gebaseerd op een niet uitgevoerd architecturaal voorstel van Gordon Matta-Clark uit de jaren 70.

 

‘Maria-Magdalena’

27 t.e.m. 31/03 en 1 t.e.m. 4/04 Toneelhuis

Het langverwachte derde deel van de Wayn Wash trilogie is er eindelijk: na ‘Marie-Dolores’ en ‘Jean-Baptiste’ trakteert Wayn Traub ons op ‘Maria-Magdalena’, waarin film en theater een intense dialoog aangaan. In totaal werkte Toneelhuis-resident Traub zo’n tien jaar aan dit uiterst persoonlijke drieluik.



13/02/2009
🖋: 

We zouden dezer dagen met de ergste economische crisis in jaren te kampen hebben. Banken gaan failliet, fabrieken sluiten de deuren en de ontslagen zijn niet meer te tellen. Elke sector moet vechten om te overleven, maar over één bepaalde tak van onze economie is het echter opvallend stil: de seksindustrie. dwars onderzocht hoe het oudste beroep ter wereld zich recht houdt in deze donkere dagen.

Mijn onderzoek begint ietwat onzeker met escorts op te bellen. De eerste die ik aan de lijn krijg, begroet me met een diepe hese stem: “Hallo met Stella.” Haar toon verandert snel als ze hoort dat ik alleen maar wil praten.

 

Wat ik van haar hoor, hoor ik bij de andere escorts ook: de klanten blijven komen, maar minder vaak. Eén van de escortuitbaters meent zelfs dat er in tijden van crisis meer behoefte is aan warmte en liefde. Hij reageert furieus als ik vraag of er nu prijsverlagingen worden doorgevoerd. Daar is geen sprake van, “de kosten blijven dezelfde, crisis of geen crisis, en als er trienen zijn die voor minder met hun benen willen open liggen, dan moeten ze goed beseffen dat ze de business kapotmaken.”

 

Ik informeer of er nu meer dames zijn die warmte en liefde willen geven. De meeste escorts merken inderdaad dat er meer concurrentie is gekomen. Sexy Patty, bijvoorbeeld, was tot voor kort huismoeder. Toen haar man zijn werk verloor, zette ze op aanraden van een vriendin de stap. Bij de escorts zijn de gevolgen van de crisis nog niet dramatisch, maar hoe zit het bij de meisjes van plezier die hun dagen achter het raam slijten? Als onderzoeksdomein beperk ik mij tot het Schipperskwartier. Geen makkelijke keuze. Als ik tegen de raampjes tik, wil de helft niet opendoen. Ze doen niet aan lesbian action. Ik probeer door het dubbele glas te roepen dat ik alleen maar wil praten. Toch blijven de meeste ramen toe. Als ik er al eentje open krijg, stuit ik op een groot taalprobleem. De meesten spreken geen Nederlands noch Engels. In mijn beste Spaans probeer ik te achterhalen of er menos trabajos is, maar ze verstaan het niet of weigeren te praten over hun beroep.

 

Tatiana, de vriendelijkste transseksueel die ik ooit ontmoet heb, wil me wel helpen. Volgens haar is er niets veranderd. “Sex is sex, baby, crisis or no crisis, a man needs his sex.” De andere meisjes die ook hun raam willen opendoen, hebben evenmin iets gemerkt van de crisis.

 

Het is vrij logisch dat er hier minder problemen zijn, want een beurt in het Schipperskwartier kost 50 euro, terwijl je bij de escorts minstens 150 euro op tafel legt (basisbeurt zonder specialekes). Het cliënteel van de escorts bestaat bovendien over het algemeen uit kaderleden, managers, ministers en andere hoog geplaatste leden van de maatschappij, terwijl de raambloempjes zich meer tot de werkmens richten.

 

Over het algemeen kan men dus stellen dat de zaken minder goed gaan, maar zonder al te ernstige gevolgen. Misschien is seks dan toch een basisbehoefte en geen luxe.



Christine Van Broeckhoven over haar slagvelden: de genetica, de politiek, de weg naar de top.
13/02/2009
🖋: 
Auteur

Op 6 februari ontving Christine Van Broeckhoven op de Franse ambassade de hoogste onderscheiding: het ridderschap in het Légion d'honneur. Wat maakt een vrouw zo succesvol dat zelfs Nicolas Sarkozy haar niet kan negeren? “Ik zeg het niet altijd even graag, maar ik werk heel hard. In mijn straat sta ik ervoor bekend. Als ik thuis aan mijn bureau zit, kan je vanaf de straat juist mijn hoofd zien. Een buur zei me onlangs: ‘Toen ik gisteren thuis kwam, zag ik uw bureaulamp schijnen en was ik dus toch op tijd thuis.’ Het was echter midden in de nacht: vier uur.” Over haar onderzoek naar de hersenziekte alzheimer is zij tot ver buiten haar straat beroemd. Daar vertelt zij liever over. Want roem verplicht.

Onlangs werden in De Slimste Mens vijf begrippen gezocht rond ‘Alzheimer’. ‘Christine Van Broeckhoven’ was één van de juiste antwoorden. 25 jaar geleden stond u aan het begin van uw loopbaan: werkloos, zonder statuut aan de toenmalige UIA en zonder onderzoeksbudgetten. Kan het ongewoner?

Christine Van Broeckhoven De start van mijn loopbaan is inderdaad bijzonder ongewoon: ik ken niemand anders die zo gestart is en ondertussen de titel professor draagt. Toen ik aan mijn onderzoek begon, was alzheimerdementie geen hot topic, niemand kende de term zelfs. Nu zijn er films zoals ‘De zaak Alzheimer’ van Erik Van Looy en documentaires over dementerende mensen. Toen ik als vrijwillige onderzoeksassistente aan mijn onderzoek naar dementie begon, dachten collega’s: och, dat is een vrouw, die heeft twee kleine kinderen, die komt zich hier gewoon wat bezighouden.

 

Zo’n zeventig procent van de medewerkers aan uw departement zijn vrouwen. Betekent dit dat jonge vrouwen het nu veel gemakkelijker hebben om een wetenschappelijke carrière op te bouwen dan u in de jaren tachtig?

Van Broeckhoven Laat ons duidelijk zijn: wij selecteren op basis van kwaliteit, niet op basis van geslacht. Het is nog maar een paar jaar geleden dat een journaliste tijdens een interview vroeg of ik liever met vrouwen samenwerk dan met mannen. Toen viel mij pas op dat er hier zo veel vrouwen werken.

 

Leaky pipeline

Blijkbaar voldoen meer vrouwen dan mannen aan de selectiecriteria. Zijn vrouwen dus de betere wetenschappers?

Van Broeckhoven (lacht) In dit departement heerst een gezinsvriendelijk klimaat, waardoor bovengemiddeld veel vrouwen hier solliciteren. Sommige professoren denken dat vrouwen die niet voltijds werken, niet willen werken. Er zijn zelfs professoren die eisen dat vrouwelijke onderzoekers niet zwanger worden en geen ouderschapsverlof opnemen. Ook al wordt het onderzoek gefinancierd met projectgelden die de promotor heeft verworven, het personeelsbeleid mag niet doorgeschoven worden naar de faculteiten, departementen of onderzoeksgroepen. In een bedrijf zou zoiets niet mogelijk zijn.

 

Van wetenschappen zegt men dat ze moeilijk zijn, en nog niet zo lang geleden vond men dat vrouwen dat dus niet konden. In de richtingen Biochemie en Biotechnologie zie ik dat het aantal vrouwen steeds toeneemt, en zij behoren ook steeds meer tot de besten van de klas. In hun studie ondervinden meisjes ondertussen minder problemen, maar op het moment dat zij aan een doctoraat kunnen beginnen, is er nog steeds sprake van een leaky pipeline: een deel van de studentes die eigenlijk geschikt zijn voor een doctoraat, valt uit. Hoe hoger je opklimt in hiërarchie en opleidingsgraad, des te conservatiever wordt het klimaat en des te minder vrouwen tref je aan.

 

Alain Verschoren wil zich als ‘vrouwvriendelijke’ rector profileren. Verwacht u een beter beleid?

Van Broeckhoven Ik heb ooit met de rector samen in de werkgroep Gelijke Kansen gezeten. Toen zei ik hem eens dat ik het belachelijk vond om pas ’s namiddags om 17 uur te vergaderen. De tijden zijn voorbij dat mannen na een late vergadering thuis hun voeten onder tafel schuiven, en moeder de vrouw eten maakt. Alain Verschoren had daar wel oren naar.

 

Wij hebben nood aan een gezinsvriendelijk beleid. Vaak is ‘gezinsonvriendelijk’ ook ‘vrouwonvriendelijk’: statistisch gezien zijn het nog steeds vrouwen die meer tijd aan kinderen en huishouden besteden. Het is niet moeilijk om rekening te houden met de simpele regels die de samenleving ons oplegt, zoals de schooluren of openingsuren van de kinderopvang. Vandaag kun je thuis inloggen op de server van de universiteit en maakt het niet uit of je daar of in het laboratorium zit te werken. Terwijl de universiteit met tikklokken werkt, zal je er in het gebouw van mijn departement geen enkele zien hangen.

 

Wetenschap in mensentaal

Niet enkel uw stijl van leidinggeven verschilt met die van uw collega’s: in tegenstelling tot veel professoren zoekt u de dialoog met het brede publiek.

Van Broeckhoven Wij professoren hebben drie opdrachten: onderwijs, onderzoek en dienstverlening. De dienstverlening houdt volgens mij niet op bij de dienstverlening aan de universiteit zelf, zoals zetelen in de departementsraad. De universiteit wordt gefinancierd door de samenleving en heeft de opdracht om iets terug te geven aan de maatschappij: antwoorden op vragen die deze stelt. De expertise die een wetenschapper opbouwt, zie ik louter als een methodologie om antwoorden te vinden. De humane wetenschappen zijn altijd veel sterker geweest in de rechtstreekse communicatie naar de maatschappij, denk maar aan de wetswinkel van de UA.

 

U gaat daar heel ver in: in 2006 heeft u het boek ‘Brein en branie: een pionier in alzheimer’ geschreven, waarin u dementie verstaanbaar wilt maken voor leken.

Van Broeckhoven Al die kennis over de hersenen die ik de voorbije vijfentwintig jaar heb kunnen opdoen – het is toch vanzelfsprekend dat ik die doorgeef aan mensen die daar minder over weten? Het zou laf en egocentrisch zijn als mensen met hun vragen niet bij mij terecht zouden kunnen.

 

Alzheimerpatiënten en, omdat het om een erfelijke ziekte gaat, hun familieleden zijn partners in ons onderzoek. In de moleculaire genetica is de belangrijkste molecule de DNA-molecule, de biologische erfenis van de mens. Om meer inzicht te verkrijgen in erfelijke ziektes zoals alzheimer, hebben wij het DNA van mensen nodig. Mensen moeten hun biologische erfenis, maar ook hun biologische privacy aan ons toevertrouwen. Zij hebben vertrouwen in het onderzoek dat wij doen, en verwachtingen: dat wij een bijdrage kunnen leveren, misschien niet voor hun kinderen, maar wel voor hun kleinkinderen. Dan moet je uitleggen wat je doet met hun genetische informatie. En dan moet je ook durven zeggen: ik ben een stap vooruit als wetenschapper, maar nog niet voldoende ver om jou te behandelen. Ik wil door voordrachten voor leken iets teruggeven aan de mensen voor wat zij aan ons gaven: erfelijke informatie van de patiënt, in ruil voor informatie over hun ziekte in mensentaal.

 

Je wordt noodgedwongen geconfronteerd met een problematiek waar je niet naast kunt kijken: dementie is een verlies van geest, een ontgeesten, een geestesziekte. Alles wat je in de loop van je leven hebt opgebouwd, hebt meegemaakt, ook je persoonlijkheid, verdwijnt langzaam maar zeker. We worden geconfronteerd met mensen die radeloos zijn, die niet weten wat hen overkomt. Ik probeer uit te leggen wat er in de hersenen gebeurt en hoe ver de wetenschap staat.

 

Zin en onzin van genetische tests

Wat heeft de maatschappij aan uw onderzoek? Is de doelstelling van het ontrafelen van de menselijke genetische code niet puur fundamenteel van aard? Of hoogstens: het voorspellen van dementie op latere leeftijd?

Van Broeckhoven Ons doel is niet om te weten welke genen een mutatie hebben en een erfelijke ziekte veroorzaken. De mutaties zijn enkel een signaal dat een bepaald eiwit een rol speelt in het ontwikkelen van de ziekte. Wij willen achterhalen wat die rol precies is, welke opeenvolging van biochemische reacties op gang komt. Hierin spelen verschillende eiwitten mee. We onderzoeken wat er gebeurt als één van de spelers wordt geblokkeerd: gaan bepaalde hersencellen minder snel afsterven of heeft de blokkade geen effect?

 

In de meest voorkomende gevallen van dementie, waarbij de veroudering van de hersenen meespeelt, is het nog niet mogelijk om voorspellingen te doen over de ontwikkeling van de ziekte. Wij weten niet hoeveel factoren juist betrokken zijn, welke factoren belangrijker zijn dan andere, hoe ze elkaar onderling beïnvloeden, ... Eens we dit weten, kunnen we schatten hoe groot het risico van iemand is om dement te worden. Het zal niet lang meer duren voor we dat kunnen, alle nodige technologieën zijn al beschikbaar. Zulke risicoprofielen zijn echter pas nuttig als er medicatie is.

 

Zou u willen weten hoe groot de kans is dat u later dement wordt?

Van Broeckhoven Ik heb daar geen enkel probleem mee, maar ik heb er geen boodschap aan. Pas wanneer we preventief kunnen behandelen, wil ik weten of ik op 76-jarige leeftijd dement word. Je kan je risico nu al min of meer berekenen: het risico stijgt met de leeftijd, het is hoger voor vrouwen dan voor mannen, en wanneer er in de familie patiënten zijn.

 

Ik zou het verschrikkelijk vinden om te dementeren. Ik begrijp Hugo Claus heel goed, ik zou hetzelfde doen (Claus leed aan alzheimer en vroeg om euthanasie. Hij overleed in maart 2008, nvdr.). Mijn levenskwaliteit is mijn kennis, mijn geheugen, mijn passie voor het leven en de samenleving. Neem mij dat af, en ik ben een oud lichaam. Zo zou ik niet willen leven. Maar iedereen heeft de vrijheid om dat voor zichzelf te beslissen. Hopelijk heb ik wel een bijdrage aan de verbetering van de medicatie geleverd, voordat ik tot de hoge risicogroep behoor. (lacht)

 

Egotripperij

Sinds 2007 zetelt u in de Kamer van Volksvertegenwoordigers. Uw thema’s zijn uw expertise, onder andere wetenschap en vergrijzing. Bent u andere politici een stapje voor omdat u écht weet waarover u praat?

Van Broeckhoven Voor sommige dossiers is het een voordeel dat ik wetenschapper ben. In december was er een wetsontwerp van Laurette Onkelinckx, een vertaling van een Europese richtlijn over de kwaliteit en veiligheidsnormen voor de transplantatie van cellen en weefsels in de mens. Het wetsontwerp was uiteindelijk zeer complex gemaakt, veel te complex. Voor mij is dit onderwerp dagelijkse kost, dus kon ik gemakkelijk een interventie in de plenaire zitting van de Kamer doen.

 

Maar andersom zal u in de wetenschap, die volgens exacte regels functioneert, niet veel hebben aan uw politieke carrière: daar draait immers alles rond meningen en belangen, en blijft de logica vaak zoek.

Van Broeckhoven Wetenschap is inderdaad meer logica, maar al de rest is politiek! De professor die ergens in de kelder aan een stoffige labotafel zit om de mensheid vooruit te helpen, bestaat niet meer in ons domein. In de wetenschap kan je enkel succesvol zijn als je goed op situaties kunt anticiperen, grote krijtlijnen ziet, situaties binnen een grotere context plaatst – dat is niets anders dan politiek.

 

De bevolking wordt steeds ouder en dus groeit de risicogroep waarop wij ons in het onderzoek betrekken. Dat is natuurlijk zeer interessant voor de farmaceutische industrie. Het gaat om veel geld, om genomineerd worden voor prijzen, om sabotage van experimenten. Reken maar dat je met veel egotripperij geconfronteerd wordt. In de wetenschap doet men niet vriendelijk tegen elkaar hoor: als ik poeslief was geweest, was ik nergens geraakt.

 

Alzheimer

In België lijden er naar schatting 158.000 mensen aan dementie. Zo’n 5 procent van de 65-plussers is dement, en vanaf een leeftijd van 80 jaar is dat zelfs 20 procent. Over de hele wereld zijn er slechts een 500-tal gevallen bekend van erfelijke jonge dementie, die veroorzaakt wordt door een fout in de DNA-code. Enkel voor deze families kan vandaag een genetische test uitsluitsel geven over de kans dat een persoon aan deze vorm van erfelijke dementie zal lijden.

 

De ziekte van Alzheimer is de meest voorkomende variant van dementie: twee derde van alle patiënten die dement zijn, lijdt aan alzheimer. In de hersenen van een alzheimerpatiënt ontstaan er in de zenuwcellen kluwens van draadvormige eiwitten en tussen de zenuwcellen verharde eiwitophopingen. Hierdoor wordt de communicatie tussen zenuwcellen bemoeilijkt of zelfs onderbroken, wat leidt tot de symptomen waarvoor alzheimer bekend is: geheugenstoornissen.

 

Margaret Thatcher, Hugo Claus en Ronald Reagan maakten bekend dat zij aan alzheimer lijden. Zij doorbreken een taboe omdat zij bewijzen, aldus Christine Van Broeckhoven, “dat het niet aan jou ligt dat je dement wordt, of aan je opvoeding. Het kan iedereen overkomen.” En: schaken, lezen of de wereldpolitiek stimuleren je hersenen, maar voorkomen dementie niet.



Post!
13/02/2009
🖋: 
Auteur extern
Joke Van Campenhout

Lieve dwars,

 

Mijn dagen in Berlijn smelten letterlijk en figuurlijk als de sneeuw voor de zon. Met pijn in het hart moet ik weldra deze multiculturele metropool verlaten. De lente is nog latent, maar begint zo langzamerhand te ontwaken en net dan roept het thuisfront me terug. Jammer, want ik heb me laten vertellen dat Berlijn in de zomer op haar mooist is. (Half)naakte mensen bevolken dan de parken en de geur van ontelbare barbecues bedwelmt de stad onder een meedogenloze zon. Nu is het koud en waait er een ijzige wind. Toch is het warm in vergelijking met enkele weken geleden. Een standbeeld voor diegene die gevoerde laarzen en dito jassen heeft uitgevonden. Gelukkig is het enkel de temperatuur die onder het nulpunt ligt, en zijn de mensen behoorlijk warm.

 

In een grootstad als Berlijn, die bijzonder aantrekkelijk is voor Erasmussers en andere gelukzoekers, is het een uitdaging Duitstalige vrienden te vinden die ook werkelijk Duits met je willen spreken. Op elke straathoek wordt een andere taal gesproken en eenmaal in de universiteit nemen Engels en Spaans de bovenhand. Steeds meer mensen, zowel uit Duitsland als uit de rest van de wereld, willen in het hippe, jonge en groene Berlijn wonen. Jong en oud wonen samen in WG’s (‘Wohngemeinschaften’) en slechts zelden kom je terecht in een eengezinswoning zoals wij die kennen. Geen doodlopende steegjes met middeleeuwse huizen, maar weidse lanen vol huizenblokken van megalomane proporties. Communisme van gewapend beton. Overwegend in het westen van de stad zijn er nog ‘Altbau’-woningen te vinden. Ongeveer alle straten zijn omzoomd met bomen en her en der breken parken het straatbeeld. Daarmee is Berlijn een van de groenste hoofdsteden van de wereld en een paradijs voor gezinnen met kinderen en/of honden.

 

Ook cultureel is Berlijn een waar mekka. Musea, filmzalen, theatergezelschappen en meer, het is hier te vinden in groten getale. Laten we ook vooral niet de ‘Berlinale’ uit het oog verliezen die momenteel plaatsheeft. Dit jaar werd er reclame gemaakt met de aanwezigheid van Leonardo en Kate, maar ik zakte met enkele vriendinnen af naar de Potsdamer Platz in de hoop een glimp te kunnen vangen van Gael García Bernal. Ijdele hoop, zo bleek. De kans om een ticket voor een van de premières te bemachtigen is verschrikkelijk klein, en in de vrieskou een nacht buiten voor de loketten overnachten ging me net iets te ver. Toch hoop ik mijn periode in Berlijn af te kunnen sluiten met een rode loper. Een Gouden Beer krijgt ze van mij in elk geval. Joke Wist je dat… Berlijn geen echt centrum heeft, maar dat elke stadswijk zich als een aparte stad gedraagt, inclusief hippe uitgaansbuurt, winkelcentra... Pils hier weliswaar in halve liters verdeeld wordt, maar zelden een alcoholgrens van 4,9 procent overschrijdt. (En Belgen daarom Duits bier als kraantjeswater kunnen drinken.) Je gemiddeld een uur of twee nodig hebt om de stad te doorkruisen, zowel met het openbaar vervoer als met de fiets. Non-profitorganisaties hier als paddenstoelen uit de grond schieten. Overal zijn zogenaamde ‘Volksküchen’ te vinden, waar je warm kan eten voor amper twee euro en die op vrijwilligerswerk van jonge mensen draaien. Al dan niet in een kraakpand. De ‘Deutsche Pünktlichkeit’ tegenwoordig ver te zoeken is. Enkel de Zuid-Europeanen overtreffen de Duitse studenten in het te laat komen. Tot grote wanhoop van de professoren.

 

Joke



want u laat zich inpakken door een dure campagne?
13/02/2009
🖋: 

U knipperde ook even met uw ogen die ochtend, toen er naast het rode licht waarvoor u stond te wachten een affiche prijkte met “U bent tegen kernenergie want u denkt aan het verleden”? En toen u even later een andere affiche passeerde, met “U bent voor kernenergie want u denkt aan de toekomst”? Of u zat op dat moment nog rustig uw krant te lezen en u verslikte zich even in uw koffie bij de paginagrote papieren versies van deze affiches?

Dan behoort u wellicht tot de meer wakkere geesten onder ons die, zelfs op dat ochtendlijke uur, onraad roken. En jawel! Wakkere geesten met een internetverbinding ontdekten dat de initiatiefnemer van de campagne het Nucleair Forum is, een koepel van “ondernemingen en instellingen” die voor zichzelf een “informatietaak” weggelegd ziet inzake “kernenergie en haar vreedzame toepassingen”. Vertaald heet dat de nucleaire lobby, of nog: Electrabel/Suez and friends.

 

Een campagne die een beetje stinkt, dus. Het is immers weinig waarschijnlijk dat de twee miljoen euro die de nucleaire sector tegen deze campagne aangooide, bedoeld is om de kernuitstap te promoten. En inderdaad, al lijken de affiches en de bijbehorende radiospots, reclamefilmpjes en krantenadvertenties evenwichtige informatie te bieden, toch strikken ze de iets minder wakkere burger met subtiele retorische kneepjes in het voordeel van kernenergie. Want denken aan de toekomst klinkt toevallig net dat ietsje aantrekkelijker en moderner dan blijven denken aan het verleden. En in de krantenadvertentie krijgen we te lezen dat kernenergie zo maar eventjes vrijwel CO2-neutraal is (is dat zo?), zicht biedt op een “duurzame toekomst” (dat radioactief afval dat we nog een miljoen jaar ergens moeten kwijtraken even niet meegerekend), en allerlei mooie toepassingen heeft, zoals “hybride auto’s” of “projecten om zeewater drinkbaar te maken”. O ja, tegenargumenten? Daar houdt men het op wat vage “grote risico’s” en “zwakke punten die in het verleden al wel voldoende zijn aangetoond”, fijntjes gepresenteerd als iets wat “sommige mensen vinden”. Niet noodzakelijk feiten dus, maar gewoon een mening van, pakweg, een stelletje geitenwollensokken.

 

Jammer alleen dat die sokken niet dat paar miljoen euro ter beschikking hebben om een even grootschalig tegenoffensief te lanceren. “Wie heeft er gelijk? Wie heeft er ongelijk? Al eens goed over nagedacht?” vraagt de campagne ons. Interessante vragen, inderdaad het nadenken waard. Maar laten we er daar toch nog enkele aan toevoegen: wie is er intellectueel eerlijk? Wie niet? En wie heeft er genoeg geld om dat niet te hoeven zijn? Al eens goed over nagedacht?



01/12/2008
🖋: 

Met de examens in aantocht en een tijdje zonder uw geliefde dwars zijn er zware tijden op handen. De bibliotheken zitten tjokvol en uw kopieerkaart zal het geweten hebben. Uw drukke weken zijn echter niet compleet zonder een paar goedgevulde cultuuravonden, om wat druk van de ketel te nemen. Geniet dus met volle teugen van de laatste cultuuragenda van het jaar 2008!

1 en 4/12 MuHKA_media | Film noir

MuHKA_media brengt twee onvergetelijke klassiekers om ons warm te houden tijdens de koude winterdagen. ‘Double Indemnity’ (1944) en ‘The Maltese Falcon’ (1941) zijn twee topfilms uit het canon van de film noir. Absoluut de moeite dus!

 

4 en 5/12 Toneelhuis | My momma loves my guitar sound

In het midden van de set van ‘De Wilde Wilde Weg’ (loopt in de Bourla tot 13/12) vindt een heus rock-‘n-rollconcert plaats. Nik van den Berg, volgens het Toneelhuis dé rock-‘n-roll Post Puber van het moment, trakteert u op een avondje loeiharde muziek en spetterende performance.

 

T.e.m. 7/12 Fotomuseum | Staring Back
Chris Marker is een van de belangrijkste naoorlogse filmmakers, hoewel zijn films in onze contreien niet zoveel bekendheid verworven. De tentoonstelling ‘Staring Back’ gaat echter niet over zijn filmische repertoire, maar wel over een 200-tal foto’s die de man gedurende zes decennia maakte op zijn reizen rond de wereld.

 

T.e.m. 14/12 MoMu | ‘Attitude to a Shape’. Studie van een rok

Nieuwsgierig naar wat uw collega’s in de kunstschool zoal uitvreten? De studenten van de eerste bachelorgraad mode van de Hogeschool Antwerpen maakten een studie van een rok in baalkatoen. Deze vormstudies zijn te bekijken in de galerij van het ModeMuseum.

 

16 t.e.m 20/12 Toneelhuis | Kunstminnende Heeren

Naakte lichamen, kitscherige kunstwerken en vooral veel humor. Heden ten dage valt de grens tussen performance, kunst en cabaret nog moeilijk te trekken. Dit toneelstuk is opgebouwd uit verschillende sketches, met een verrassende en hilarische afsluiter.

 

18 t.e.m. 20/12 Monty | Oraal

Hazim Kamaledin laat zich inspireren door verhalen van het marktplein, een traditie van zijn geboorteland Irak. Hij vertelt het verhaal van Maytham Al-Boedhabah, een cineast die in Bagdad om het leven komt door een bombardement op een marktplein. De voorstelling, door tg Cactusbloem, gaat in wezen over fictie en fictionaliseren, en over de Arabische orale cultuur.

 

19/12 TRIX | HONG KONG3

Al voor de derde keer organiseert Electro City, een jong Antwerps trio, HONG KONG. Zoals hun naam al doet vermoeden, brengen ze een aantal van de beste electro-artiesten van het moment mee. Voor deze editie verwachten we Cook-E & Matik (van ‘Switch’ op Studio Brussel), Sound of Stereo, Keatch en veel meer.

 

18 t.e.m. 21/03 ANTARTIK

‘Antartik - Kunst op jouw Campus’ organiseert in maart een heuse kunst- en cultuurhappening op de verschillende campussen van de Associatie Universiteit en Hogescholen Antwerpen. Zo willen ze studenten de kans geven om interventies te doen, optredens te geven, tentoonstellingen te brengen, enzovoort. Ben jij wel warm te maken voor zo'n jong cultureel evenement? Zin om je neus even uit te boeken te houden en je creativiteit de vrije loop te laten? Kijk snel op pagina XX voor meer informatie!



01/12/2008

Bienvenue chez les ch'tis (2008)

Philippe Abrams, een postdirecteur uit de Franse Provence, wil maar wat graag overgeplaatst worden naar een pittoresk plekje aan de Azurenkust. De te grote ijver die hij hiervoor aan de dag legt, heeft echter een averechts effect. Phillipe wordt naar Bergues gestuurd in het grijze noorden van het land, zeg maar het Franse Limburg. Spookbeelden van alcoholisme, koude, armoede en algehele domheid suizen door zijn hoofd. De humor in deze film is dan ook het resultaat van een geslaagde confrontatie tussen vooroordelen en realiteit. Regisseur, scenarist én acteur Dany Boon maakt schitterend gebruik van clichés om ze uiteindelijk te ontkrachten. ‘Bienvenue chez les ch'tis’ is een pretentieloze, charmante en bovenal hilarische prent zoals er tegenwoordig te weinig worden gemaakt. Na een eerder geruisloze passage in de Vlaamse bioscopen krijgt dé Franse publiekslokker van 2008 een meer dan verdiende herkansing op DVD. Regie: Dany Boon Met: Kad Merod, Dany Boon en Zoé Felix

 

World of Goo

Meestal zijn spelletjes van onafhankelijke ontwikkelaars leuk qua idee, maar hebben ze te lijden onder een mindere afwerking. Hoge productiekosten zijn uiteraard geen garantie voor een goed spel, maar de tweekoppige ontwikkelaar 2D Boy laat met ‘World of Goo’ zien dat dit omgekeerd ook niet noodzakelijk geldt. Met een simpele opzet (bouw constructies met balletjes slijm om een afstand te overbruggen), een sobere en duidelijke grafische vormgeving en goeie kwak humor hebben ze een spel gecreëerd dat, onder het motto “easy to learn, hard to master”, zelfs mensen zal aanspreken die deze recensie overslaan omdat het over een computerspelletje gaat. Voor meer info, een demo of om 'World of Goo' te kopen (een luttele $20): www.2dboy.com

 

Bromberen

“Bromberen klagen en zagen dat het een lieve lust is. Ze ergeren zich aan al het slechte dat deze tijd uitspuwt en uitkotst. [...] Bromberen is de vrijstaat der malcontenten.” Dat is de omschrijving van wat je op zondag tussen één en twee uur 's middags hoort op Radio 1. Ik hou van de stem van presentator Pat Donnez en ik ben het niet altijd volledig oneens met wat de drie gasten zeggen, maar voor de rest kan ik, net als 'Bromberen', enkel klagen en zagen. Klagen dat dit programma overkomt als een samensmelting van een kleuterschool, een bejaardentehuis en het enige café in een West-Vlaams dorp, waar het vroeger beter was en later slechter, waar een mening niet onderbouwd moet zijn, zolang ze wat nodeloze emotie en nutteloze beschuldigingen bevat en minstens één iemand onderrochelt. Of zagen dat, als je de podcast via iTunes wil downloaden, er een uurlang verslag van een voetbalwedstrijd op je computer wordt gezet. Misschien zal ik het appreciëren als ik via een sonde moet plassen.

 

Cold War Kids

Dat ‘Loyalty to Loyalty’, het tweede album van Cold War Kids, meerdere luisterbeurten nodig heeft, mag geen verrassing zijn na hun debuut ‘Robbers And Cowards’ uit 2006. Ook de wat donkere lyrics bleven behouden: “Bodies float to the shore / Bloated purple and blue / If sharks won't get you first / Crabs will have their way with you”. Wie na het luisteren van deze plaat dacht zijn herfstdepressie - “How’s it going to feel when summer ends? / Out of money, out of friends” - te verdrinken, denkt daar dus beter nog eens over na. Dat deze Californische band zich laat beïnvloeden door blues en jazz is duidelijk te horen in de eigenzinnige drums, de klaaglijke zang van Nathan Willet en de vaak zeer minimalistische begeleiding. Tegenvallers zijn ‘Avalanche in B’ en afsluiter ‘Cryptomnesia’. Blijven over: 38 minuten goede muziek met uitblinkers ‘Mexican Dogs’ en ‘Dreams Old Men Dream’ en als buitenbeentje het vrij elektronische ‘Relief’.

 

‘ANTARTIK – Kunst op jouw campus’

Kunst en cultuur. Het zijn zeer vage termen, maar ze zijn wel belangrijk. Zo'n tien procent van de Antwerpse studenten is dagelijks met kunst bezig, en wordt dagelijks opgeleid tot dansers, grafici, literatuurwetenschappers, modeontwerpers, productontwikkelaars, acteurs, juweelontwerpers... Maar wat met die overige negentig procent?

 

De Associatie van de Universiteit en Hogescholen van Antwerpen vindt de tijd rijp dat die volle honderd procent van de Antwerpse studenten eens buitenkomt met hun creatief talent. Van 18 tot en met 21 maart organiseren ze ‘ANTARTIK – Kunst op jouw campus’, een kunst- en cultuurhappening op en rond de campussen van de universiteit en hogescholen van Antwerpen.

 

Het doel van ‘ANTARTIK’ is om studenten met totaal verschillende opleidingen toch te laten proeven van elkaars passie. En er wordt meteen gewerkt aan de bevordering van de cultuurparticipatie bij studenten. Heb je ideeën voor een project, of ben je reeds met één bezig? Of het nu gaat om literaire avonden, filmvoorstellingen, concerten of tentoonstellingen, ‘ANTARTIK’ omhelst het allemaal. Stap op een prof af die volgens jou helemaal mee is met je project, en contacteer Linda Schools, onze kersverse cultuurfunctionaris. Of omgekeerd: spreek als prof je studenten aan en sleur hen mee in de wereld van de creatieve mallemolen. Als je bovendien nog een idee hebt voor een niet-evidente locatie (een poëziemarathon in een laboratorium, bijvoorbeeld), dan is de kans groot dat je dromen waargemaakt worden. Linda Schools kan je bereiken op 03 820 20 90, of linda.schools@ua.ac.be.