cultuurstrookje
01/11/2003
🖋: 
Auteur

De term ‘hoorspel’ doet de meeste mensen denken aan radiosoaps zoals het Het Koekoeksnest en voorgelezen boeken of sprookjes van Grimm. DreamGate Studios Audio Drama, opgericht door Domien De Groot en Olivier Fuchs, brengt echter niets van dit alles, wél cd’s met een auditieve ervaring die het midden houdt tussen een droom en een film. Momenteel verkopen ze de uit zes cd’s bestaande Darkshire Trilogy, een drieluik vol avontuur en romantiek dat elementen uit de 18de-eeuwse gothic novel combineert met aspecten van epic fantasy. Het samenspel van de uitstekende stemacteurs, geluidseffecten en filmmuziek dompelt je onder in een onheilspellende sfeer. Toch bevatten deze duistere verhalen nog enkele humoristische scènes. Het sfeervolle geheel heeft een hoog knetterend-haardvuur gehalte. Voor wie niet genoeg van het genre kan krijgen: DreamGate studios werkt nu aan enkele komische sketches en luisterspelen.

 

 

Meer info vind je op www.dreamgate.tk



01/11/2003
🖋: 
Auteur extern
tov

Volgens het Frutje spelen ze ‘circusmuziek’, volgens anderen stoten ze enkel ‘motorpsycho-geluiden’ uit. Zelf houden ze het bij ‘feestmuziek’, vanwege de dansbaarheid van hun nummers waarin ze diverse stijlen combineren. Het muzikale ensemble El Nesjda van Christof van Mol – in zijn vrije tijd hangt hij op de Stadscampus een beetje de geschiedkundige uit – bestaat uit een horde geëngageerde jonge muzikanten die hij anderhalf jaar geleden bijeen wist te harken in het kader van een vrij-podium-gebeuren. Sindsdien maakten ze reeds menig concert onveilig, o.a. één waar de Gentsche Mens mocht opdraven. Met recht en reden, zou ik zo zeggen.

 

In hun laatste demo neemt vooral het reggae-element vrij uitgesproken proporties aan. Bob Marley steken ze evenwel niet naar de kroon. Gezien de piano op Jamaica waarschijnlijk nog niet is uitgevonden zal dat ook moeilijk gaan, want het is net dit instrument dat het werk van El Nesjda op smaak brengt.



Op het einde is het woord

01/11/2003
🖋: 
Auteur

Links of rechts? In zowat heel Europa rijdt men rechts, maar niet in het Verenigd Koninkrijk. In zowat heel Europa kiest men resoluut voor rechts, maar in het Verenigd Koninkrijk doen ze het nog altijd met een linkse regering. Eentje met een erg averechtse werking dan wel. Afdwalen van het rechte naar het rechtse pad doet ze er onder ‘Führung’ van Tony Blair, de rechterhand waarmee George W. Bush zijn grootheidswaanzin bevredigt. Ongegeneerd verschieten beide potentaten hun imperialistische zaad. Vruchtbaarder wordt de wereld er niet van. Hun eigen soldaten, blootgesteld aan allerlei smerige experimenten, evenmin. Voor olie en macht doen ze hun volk door het kanonvuur gaan. Maar, zult gij niet oogsten wat gij gezaaid hebt?

Op het internationale slachtveld probeert men beide heerschappen soms nog tot rede te brengen. In hun eigen speeltuin kunnen ze echter ongestoord hun gangen gaan. Aan ‘The American Nightmare’ hoeven geen woorden vuil gemaakt te worden, maar bij het socialistisch beleid in Groot-Brittannië is enige duiding wel aangewezen. Met name bij de term ‘socialisme’. Volgens The Oxford Dictionary of Current English verstaan ze over het Kanaal onder ‘socialism’ nog altijd ‘a set of political and econonomic theories based on the belief that everyone has an equal right to a share of a country’s wealth and that the government should own and control the main industries.’ Naar de letter een herkenbare definitie, maar in Westminster hebben ze duidelijk moeite die ook naar de geest te lezen.

 

Tony Blair een socialist? Rood van schaamte zou hij moeten worden. Enkel zijn haardos kan de schijn nog enigszins ophouden. Per bovenstaande definitie is hij eerder het tegenovergestelde van een socialist. De grote industrieën, de Britse spoorwegen en de Londense metro: de overheid beheert ze geen van allen. Onder controle heeft ze de diensten voor het volk al evenmin. En met de sociale gelijkheid is het al helemaal niet om over naar huis te schrijven. Vandaar waarschijnlijk dat de Vlaamse media er zo weinig over berichten. Al houden die wel vaker hun mond als ze eens iets nuttigs zouden kunnen zeggen.

 

Af en toe hoor je nog wel eens iets over de ziekteverzekeringen in the UK, en dat je er beter drie jaar op voorhand aankondigt wanneer je een hartaanval zal krijgen, of wanneer je appendix gaat springen. Al krijgen we dat natuurlijk ook alleen maar te weten omdat het allemaal niet meer zo ver van ons bed is. Massa’s Britten houden het bed namelijk in onze ziekenhuizen. Opdat niet alleen onze ziekenhuizen, maar ook die Britten er beter van zouden worden, kunnen we aan de veelbesproken test Frans en Nederlands voor ons verplegend personeel misschien ineens een test Engels toevoegen. Over de ziekenhuisproblemen van onze Noordzeeburen vernemen we dus nog wel eens iets, maar rond hun ziekelijke onderwijsbeleid blijft het opvallend stil. Er mag natuurlijk ook niet al te veel ruchtbaarheid gegeven worden aan ‘democratische’ maatregelen die men graag ook door de strot van de Vlaamse student (en de portemonnee van zijn ouders) wil duwen.

 

Zondag 26 oktober trokken in de Londense binnenstad 31.000 studenten van Malet Street naar Trafalgar Square. Ze betoogden tegen een geplande maatregel van de regering Blair. Die houdt in dat universiteiten vanaf 2006 hun inschrijvingsgelden mogen verdrievoudigen, wat in de praktijk leidt tot bedragen tegen de £3000 (bijna 4400 EUR), per jaar. Studenten kunnen natuurlijk altijd een lening aangaan, maar dat zou er toe leiden dat de gemiddelde student na zijn studies aankijkt tegen een schuldenberg van om en bij de £30.000. De universiteiten mogen trouwens zelf bepalen in hoeverre ze het voorstel uitvoeren. Feitelijk betekent dat dat de grote prestigieuze universiteiten meer zullen kunnen vragen dan de kleinere, die studenten nodig hebben om te kunnen overleven. De groten zullen dankzij de hogere inkomsten ook meer kunnen investeren, en degelijk onderwijs kunnen blijven garanderen. Zo wordt een onderwijs op twee niveaus uitgebouwd. Twee niveaus die zich niet zozeer door de intellectuele capaciteit van de student maar vooral door zijn financiele vermogen van elkaar zullen onderscheiden. Een goede opleiding zal dus, net als in die goede oude liberale tijd, alleen voor de rijken zijn. ‘Brittania rules social inequality’!

 

In plaats van – heel sociaal – een oorlog te voeren met zijn wapenbroeders, had Blair beter kunnen investeren in het oplossen van de bestaande onderwijsproblemen. Dan zou hij de rekening nu niet door zijn studenten moeten laten betalen. Maar in dat geval had hij natuurlijk ook geen politieke stuntmogelijkheid gehad om te verkondigen dat de minder begoede studenten van hem, de grote socialist, subsidies zullen krijgen. Als hij die subsidies echter even snel gaat vrijmaken als zijn ziekenhuisbedden, zijn die jongeren in kwestie al lang op pensioen. Na een carrière in de goot weliswaar, want hun studies konden ze toch niet betalen. rector-manager Oosterlinck, Marleen Vanderpoorten en Grote Smurf: ze zijn stuk voor stuk minder blauw dan Tony Blair. Maar wat zouden ze graag zijn zoals hij. Behalve Grote Smurf natuurlijk, want die heeft een rode muts als teken dat ie het echt goed meent met zijn onderdaantjes.

 

Als het dit is wat Nonkel Oosterlinck en Tante Vanderpoorten van het door hen zo opgehemelde Angeklsaksische onderwijssysteem willen overnemen, zijn we goed af. Het ziet er ook zo naar uit. De BaMa-hervormingen zijn de perfecte gelegenheid om van het hoger onderwijs een winstgevend bedrijf te maken. Een bedrijf dat dure maar lekkere gebakjes met intellectuele slagroom maakt voor de rijken, met een groot zusterbedrijf dat break-even draait en een eenheidsworst zonder voedingswaarde maakt voor de massa.

 

Ik ben blij dat ik bijna afgestudeerd ben. Maar voor mijn kinderen vrees ik het ergste.



01/11/2003
🖋: 
Auteur extern
Patricia de Martelaere

Waarom mijn lippen zo rood zijn
en mijn ogen diepzeeblauw?
Om je beter te kunnen zien, mijn lief,
om je beter te kunnen kussen - en mijn
handen zo zacht, mijn tanden zo
hard, mijn borsten zo blank - en mijn
warme buik? Om je beter op te eten
in te nemen aan te raken uit te
roepen. En mijn hoofd zo windstilleeg -
om je beter te vergeten.

 

 

Patricia de Martelaere



Shaher Bak Jordaans Staatsminister van Buitenlandse Zaken
06/10/2003
🖋: 

Het Midden-Oosten staat op ontploffen. Voor de zoveelste keer. De Amerikaanse aanwezigheid in Irak zorgt wereldwijd voor kopbrekers. De niet aflatende reeks bloedige zelfmoordaanslagen in Israël en de recente beslissing om als vergelding aanvallen op buurland Syrië uit te voeren, komen de stabiliteit in de regio geenszins ten goede. Het koninkrijk Jordanië lijkt wel een oase, te midden van al dat gewoel.

In tegenstelling tot zijn buurlanden heeft Jordanië zeer weinig natuurlijke rijkdommen. Olie kon het tot voor kort goedkoop aankopen in Irak, een unieke uitzondering op het voor Irak wurgende embargo. Voor de watertoevoer is Jordanië dan weer afhankelijk van een vredesakkoord met Israël uit 1994. De voornaamste eigenschap van dit land is dan ook zijn rol als buffer en baken van rust in de brandhaard van het Midden-Oosten.

 

Het geplande bezoek aan Antwerpen van Shaher Bak, Jordaans Staatsminister van Buitenlandse Zaken, is deze zomer niet doorgegaan. Toch vond hij de tijd om ons de bijzondere situatie van Jordanië in het Midden-Oosten te schetsen. We hadden een telefonisch interview met hem, enkele dagen na de Israëlische uithaal naar Syrië.

 

Shaher Bak Het is betreurenswaardig wat nu in Israël en Syrië aan de gang is. We moeten de problemen onmiddellijk het hoofd bieden, op een vreedzame manier, met onderhandelingen. De situatie is echter al grotendeels geëscaleerd. Men moet beseffen dat militair geweld een kortetermijnoplossing blijft, en niet voor een mentaliteitsverandering in de richting van een duurzame oplossing zal zorgen.

 

Doorheen het gesprek herhaalt Shaher Bak deze boodschap meermaals: als er vrede komt in het Midden-Oosten, dan zal dat slechts kunnen gebeuren na moeilijke en slepende onderhandelingen. Minister Bak is een carrièrediplomaat, die onder andere ambassadeur was in Spanje en Zuid-Afrika. Zijn eerste zending als jonge politiek attaché was echter naar Irak, nog vóór de heerschappij van Saddam Hoessein.

 

Bak Het was de periode vlak na de militaire staatsgreep van 1958 in het toenmalige koninkrijk Irak, waarbij de koning (familie van het Jordaans koningshuis, nvdr.) werd vermoord. De uitstekende relaties die onze landen toen hadden werden verbroken, en bleven tijdens mijn verblijf nadien heel wisselvallig.

 

Uiteindelijk zullen we beseffen dat we allemaal ongeveer hetzelfde willen.

 

Tot vijftig jaar geleden was de geschiedenis van Jordanië en Irak heel gelijklopend. In beide landen bestond het koningshuis uit Hasjemieten, directe afstammelingen van de profeet Mohammed. Na de staatsgreep werd Irak een republiek, maar in Jordanië bleef het koningshuis heel populair.

 

Bak Bij het begin van de Eerste Wereldoorlog was er een beweging in het Midden-Oosten om de Arabische landen te bevrijden van de Ottomaanse heerschappij. Het idee was om één Verenigd Arabisch Koninkrijk op te richten onder Hasjemietisch bestuur. De Britten en de Fransen verdeelden na de oorlog het gebied onder elkaar. Zo viel het toenmalige Transjordanië onder Brits mandaad van 1921 tot 1945. De lokale bevolking bleef echter streven naar onafhankelijkheid; een jaar later werd het koninkrijk Jordanië opgericht.

 

Bestaat de wens nog om één grote Arabische staat op te richten?

Bak Het is spijtig dat de oprichting toen niet mogelijk was. Volgens mij droomt het Arabische volk daar nog steeds van. Zelf ben ik voorstander van een meer doorgedreven samenwerking tussen de verschillende landen in de regio, zoals jullie hebben met de Europese Unie. Twee vernietigende oorlogen hebben hun sporen nagelaten, maar uiteindelijk is de huidige eenmaking er gekomen door onderhandelen. Dat is een traag maar sterk politiek proces. Europa is een echt voorbeeld voor de Arabische staten. Waarom zouden we de fouten maken van anderen, als we kunnen leren uit hun geschiedenis?

 

Zo’n doorgedreven samenwerking zou de zaken al heel wat vooruit helpen. De huidige Arabische Liga is nog veel te ver verwijderd van dat ideaal. We streven in Jordanië naar stabiliteit, vrede en vooruitgang in de regio. We moeten de problemen die zich stellen kordaat aanpakken. De belangrijkste voorbeelden van hoe het mis kan gaan, zijn de Israëlisch-Palestijnse kwestie en de toestand in Irak. We moeten de Arabische landen beter organiseren, meer samenwerken als we vrede willen.

 

In zekere mate is er al vrede in de regio. In 1979 sloten Israël en Egypte vrede, en in 1994 volgde Jordanië.

Bak Inderdaad, maar een vredesverdrag teken je niet zomaar. Er gaan ellenlange onderhandelingen en vergaderingen aan vooraf. Er moet een juiste atmosfeer geschapen worden. En dat is niet altijd even gemakkelijk.

 

Na de Tweede Wereldoorlog en het oprichten van Israël bleven de Arabische landen in staat van oorlog met dat nieuwe land. Na 1967 (de Zesdaagse Oorlog, zie kaderstukje) zijn er vele initiatieven geweest om alle landen van het Midden-Oosten dichter bij elkaar en bij vrede te brengen.

 

Road Map

Bak Het laatste initiatief in dit rijtje is de befaamde Road Map. Jordanië heeft sinds 1967 altijd deel uitgemaakt van initiatieven om een vredevolle oplossing te zoeken voor het Arabisch- Israëlisch conflict, waarvan de strijd met de Palestijnen de kern en het hart is. Jordanië is ook het land dat het meest verbonden is met de Palestijnse zaak vanwege de geografische, historische en demografische relaties.

 

Jordanië vond dat de binnenlandse omstandigheden na de Oslo-akkoorden van 1993 eindelijk geschikt waren om vrede te sluiten met Israël. Sinds de Tweede Intifada is de atmosfeer echter terug zeer verslechterd. De onderhandelingen tussen Palestijnen en Israëli’s moeten onmiddellijk terug worden opgestart. De Road Map is daartoe een zeer goed initiatief, maar is geen bijbel.

 

Eén van de noodzakelijke voorwaarden lijkt toch dat de Arabische landen de staat Israël erkennen.

Bak U herinnert zich ongetwijfeld het Arabisch Initiatief, dat in maart 2002 werd afgesloten op de Arabische top in Beiroet. Met dat initiatief besloten alle Arabische staten dat ze Israël zouden erkennen, en zelfs vrede zouden sluiten als het plan, zijnde de implementaties van de VN-resoluties, werd gevolgd. Dit plan voor erkenning ligt nog steeds op tafel! De Road Map is uitgelezen mogelijkheid om dit Arabische Initiatief een serieuze kans op slagen te geven. Wat er zo bijzonder is aan de Road Map, is dat het een háálbaar plan is. The Road Map is not dead yet.

 

Hoe is de relatie tussen Jordanië en Israël nu?

Bak Toen we het vredesakkoord met Israël sloten dachten we dat de zaken er echt op gingen verbeteren. Het is geen geheim als ik zeg dat de bilaterale relaties tussen Jordanië en Israël echter enorm afhankelijk blijven van de toestand van het Palestijnse volk. Deze drie landen, Jordanië, Israël en de Palestijnse staat, zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. Daarom zit ons land ook zo verwikkeld in het vredesproces. Daarom zal ons land ook nooit de onderhandelingen verlaten. Sterker nog, er is zelfs een stuwende kracht naar vrede vanuit Jordanië, zoals onlangs is gebleken op de top van Al-Aqabah, onze grootste kuststad.

 

Amerikaans engagement

Hoe ziet u de toekomst van de Israëlisch-Palestijnse kwestie?

Bak Soms is het zeer moeilijk, zoals bijvoorbeeld de laatste maanden. Velen hebben het geloof in en de hoop op vrede in het Midden-Oosten verloren. Daarom is er momenteel een zo neutraal mogelijke partij nodig, die kan bemiddelen tussen de verschillende betrokkenen. Wij geloven dat de enigen die nu écht verandering kunnen brengen in de Palestijnse kwestie, de Amerikanen zijn. Ze kunnen echter veel meer doen. Wat het Kwartet (de EU, de VN, Rusland en de VS, nvdr.) nu doet, is zeer belangrijk en zinvol. Toch zijn de Amerikanen de enigen die echt schot in de zaak kunnen brengen, vanwege hun speciale relatie met Israël. Zonder deze directe betrokkenheid is vooruitgang bijna niet te verwezenlijken.

 

Momenteel blijken de Amerikanen echter teveel andere prioriteiten te hebben om zich honderd procent in te zetten. Ze zitten in de nasleep van enkele oorlogen, maar hebben duidelijk ook interne redenen om zich niet volledig te engageren. Daarmee doel ik op de presidentsverkiezingen van 2004.

 

De Amerikanen willen blijkbaar ook eerst hun zaken op orde stellen in Irak. Hoe kan in het huidige Irak een cultuur van democratie langzaam groeien als iedereen er zoveel haast achter wil zetten?

Bak De enige manier om een degelijke cultuur van democratie in Irak te ontwikkelen, is er vandaag mee te beginnen. De Irakezen hebben een parlement nodig, een door het volk verkozen president, rechtbanken, politiediensten, ministeries, een leger, banken, enzovoort. Er moet ook zo snel mogelijk een nieuwe grondwet komen, meteen gevolgd door verkiezingen. Wat er ook gebeurt, het is belangrijk dat de Iraakse politieke instellingen er terug staan, ditmaal op democratische wijze.

 

De aanwezigheid van de Amerikanen vormt een probleem, maar hun onmiddellijk vertrek zou dit ook zijn. We beseffen wel dat het nog een tijdje zal duren, maar men moet er absoluut vandaag mee beginnen.

 

Hoe zou u de relatie tussen Jordanië en Irak beschrijven?

Bak We hebben de voorbije honderd jaar een zeer nauwe band gehad met Irak. Voor, tijdens en na Saddam Hoessein. De relatie tussen onze twee volkeren gaat immers ver terug in de geschiedenis. Tijdens het regime van Saddam Hoessein was Irak onze voornaamste handelspartner. We importeerden olie en exporteerden industriële artikelen en landbouwproducten. Ons land was, door de uitzondering die op het embargo gemaakt werd, de enige poort naar de buitenwereld voor de Irakezen. De relaties tussen onze landen zijn hierdoor nog versterkt.

 

Na de Tweede Golfoorlog waren wij het eerste land dat humanitaire hulp zond naar Irak. We waren daar al mee begonnen voor het einde van de oorlog. Jordanië herbergt een immens aantal Irakezen die hun vaderland ontvlucht zijn. Dit is een tijdelijke regeling, maar het versterkt de band tussen onze twee volkeren. Het is een band die verder gaat dan een regime, verder dan het soort machthebber.

 

Wanneer het huidige overgangsbestuur in Irak vroeg deel te mogen nemen aan de Arabische Liga, waren wij bij de eersten om dat te steunen. We zouden Irak in de toekomst graag stabiel en eengemaakt zien. We zijn dan ook tegen een opsplitsing van Irak op religieuze of andere basis. We zouden graag een Irak zien waarin iedereen burger is, zonder zich druk te hoeven maken over afkomst als Soenniet, Sjiiet, Koerd, Turk,... We zullen ons regime of systeem niet proberen te exporteren. Ze hebben zelf genoeg opgeleide mensen. De Irakezen hebben veel geleden, en het wordt tijd dat ze op een degelijke manier worden gesteund. Als Jordanië daarbij kan helpen, zal het dat niet nalaten.

 

Op binnenlands gebied is Jordanië toch ook niet uiterst stabiel? Zo zijn er meer Palestijnse inwoners dan oorspronkelijke Jordaniërs.

Bak Die feiten zijn achterhaald, maar je hoort ze nog regelmatig. Vooral toen de Westelijke Jordaanoever nog deel uitmaakte van Jordanië leefden er meer Palestijnen dan Jordaniërs in ons land. Vandaag is dat niet meer het geval. Onze grondwet maakt op geen enkele wijze onderscheid op basis van afkomst. Of je nu van oorsprong Palestijn of Jordaniër bent, iedereen heeft dezelfde rechten als burger. We proberen nu dus een harmonieuze gemeenschap op te bouwen en afkomst als argument in discussies weg te werken. Wat je er persoonlijk bij voelt, is juist dat: iets persoonlijk.

 

We zouden graag een Irak zien waarin iedereen burger is, geen Soenniet, Sjiiet, Koerd, Turk, ...

 

Lijdt Jordanië als baken van rust dan niet onder de massale stromen van immigranten uit de buurlanden? Is de aard van het land mettertijd niet veranderd?

Bak Natuurlijk, natuurlijk, maar vergeet niet dat de meeste immigranten ook Arabier waren en dus zonder al te veel problemen konden integreren. Trouwens, de instroom is de ontwikkeling van Jordanië zeker ten goede gekomen.

 

Anderzijds steeg het bevolkingsaantal soms fenomenaal, en dat was niet altijd te voorzien en te voorspellen. Vele programma’s die de staat had uitgewerkt, konden niet verlopen zoals gepland. Jordanië heeft immigratiepieken gekend in 1950, in 1967 en tot slot in 1990 toen er na de Eerste Golfoorlog vele Jordaniërs terugkwamen uit Koeweit. Die laatste stroom veroorzaakte een stijging van het bevolkingsaantal met tien procent. Enerzijds waren er zo’n 350.000 Jordaniërs die terugkwamen uit de Golfstaten, anderzijds zo’n 300.000 Irakese vluchtelingen.

 

Dit heeft ons land telkenmale drastisch veranderd. Het stijgend bevolkingsaantal stelde de middelen van de staat sterk op de proef. Jordanië heeft daardoor nooit een voorspelbare ontwikkeling gekend. De hoofdstad Amman is bijvoorbeeld onherkenbaar veranderd sinds de jaren ’40, toen ik jong was. In die tijd was het een groot dorp, terwijl het nu een ontwikkelde stad is, onherkenbaar voor mijn jongere ik.

 

Hoe dan ook, op elk vijfjarenplan moesten er minstens enkele aanzienlijke correcties worden uitgevoerd. Zo was het inkomensverlies door het terugvallen van het toerisme sinds september 2001 een kaakslag voor de hervormingen.

 

Hoe staat het met de hervormingen van de Jordaanse staat?

Bak Soms sukkelen we maar wat voort, en af en toe worden er fundamenteel goede en degelijke veranderingen doorgevoerd. De beste ontwikkeling vind je op gebied van onderwijs en cultuur. Veel werd echter bemoeilijkt door de twee golfoorlogen en intifada’s. Steeds weer moesten we ons aanpassen. De democratisering van Jordanië staat op de sporen. We hebben echter nog een aantal problemen. Zo tellen we voor ruim vijf miljoen inwoners maar liefst zevenentwintig politieke partijen. Dat maakt de werking van een parlement er niet eenvoudiger op. Het blijkt wel dat weinig nieuwkomers echt doorbreken. Een uitzondering is de Islamitische Groep, die je kan vergelijken met de christendemocratische partijen in Europa. We zijn trouwens het enige land in het Midden-Oosten waar zulk een partij actief deel uitmaakt van het politieke landschap. Zes jaar geleden zaten ze zelfs even in de regering. Zolang ze blijven werken binnen de democratische grenzen van het politieke systeem, is er geen probleem.

 

Is Jordanië een democratie?

Bak Nee, toch zeker niet zoals België en Zweden dat zijn. Een autoritair regime zijn we daarentegen ook niet. Het democratisch systeem moet deel worden van onze cultuur, het moet groeien bij het volk. Ik herinner me zeer goed een uitspraak van Tariq Aziz (minister van BZ onder Saddam Hoessein, nvdr.) die verkondigde dat mensen in het Midden-Oosten niet klaar zijn voor democratie. Ik ben het daar grondig mee oneens! De jonge generatie Jordaniërs is hoog opgeleid, ze begrijpen de rechten van de mens en het belang van veiligheid maar al te goed.

 

Je mag een democratie niet onmiddellijk opleggen, het moet traag gaan, stap voor stap. De mensen moeten democratie leren kennen door ermee in aanraking te komen in hun dagdagelijkse leven, ze moeten ermee vertrouwd geraken. Jordanië staat waarschijnlijk zelfs het verst van alle Arabische landen bij het democratiseren.

 

Als we vergelijken met Egypte...

Bak Ik verkies op dat punt geen uitspraken te doen. Ik ken de interne ontwikkelingen in die andere landen niet goed genoeg. Ik beperk me tot uitspraken over mijn eigen land.

 

Hoewel hij het nooit expliciet zo vermeldt, stelt Shaher Bak zijn Jordanië voor als een gidsland voor de andere Arabische staten. De man is gedreven op zoek naar een beter leven voor zijn land- en streekgenoten en is daarin duidelijk geëngageerd.

 

Bak Ik zou nog graag een boodschap meegeven aan de jongeren van de universiteit waarvoor u schrijft. De toekomst behoort de jongeren toe, het zijn zij die later op een verantwoorde manier hun land zullen moeten leiden. Het is gemakkelijk om kritiek te hebben, maar het is soms zeer moeilijk wanneer je verantwoordelijkheid draagt. Daarom vraag ik de jongeren van nu om te bouwen en niet af te breken. Wat je ook doet, er zal steeds kritiek zijn, maar dat zou niemand mogen afschrikken.

 

De wereld wordt kleiner en brengt mensen samen op economisch, politiek en vooral cultureel valk. We moeten met elkaar praten en elkaar begrijpen. Uiteindelijk zullen we beseffen dat we allemaal ongeveer hetzelfde willen.

 

 

Jordanië gesitueerd

Jordanië

  • is ontstaan na de Grote Opstand van 1916 tegen een eeuwenlange Turkse overheersing.
  • heette sinds 1921 het Emiraat van Transjordanië. Dit land werd in 1946 geschapen door de internationale gemeenschap, in dit geval voornamelijk de voormalige kolonisator Groot-Brittannië.
  • is een Hasjemietisch koninkrijk. De Hasjemieten zijn directe afstammelingen van de profeet Mohammed.
  • heeft tot heden drie koningen gekend. De eerste, koning Abdullah was de zoon van Sharif Hoesein bin Ali, die de Grote Opstand had geleid. Koning Abdullah werd in 1951 vermoord in de Al-Aqsa- moskee te Jeruzalem, dat toen nog op Jordaans grondgebied lag.
  • had als tweede koning de zoon van Abdullah, Hoessein. Hij was immens populair en bleef maar liefst 39 jaar aan de macht.
  • vocht tijdens de heerschappij van Hoessein wel twee oorlogen uit met Israël. Het moest ook een opstand van Palestijnse guerrilla’s in Amman onderdrukken, en het land behield een relatieve rust tijdens de Golfoorlog van 1990.
  • heeft sinds 1999 Abdullah II als koning. Hij werd pas een maand voor het overlijden van Hoessein aangeduid als troonopvolger.
  • sloot vrede met Israël op 26 oktober 1994, na 46 jaar oorlog tussen de twee staten. In dit verdrag werden de westelijke grenzen van Jordanië formeel vastgelegd, wat door de Jordaniërs werd geïnterpreteerd als het einde van de Israëlische denkwijze “Jordanië is gelijk aan de Palestijnse Staat”.

 

Jordanië nu

  • telt ongeveer 5,5 miljoen inwoners.
  • is grofweg driemaal zo groot als België.
  • heeft van alle Arabische staten de langste grens met Israël. heeft geen eigen olievelden. Het regime van Saddam Hoessein voorzag Jordanië van goedkope olie.


01/10/2003
🖋: 
Auteur extern
het VUAS-praesidium

Vanaf woensdag 1 oktober 2003 bestaan RUCA, UFSIA en UIA niet meer! We spreken dan enkel nog over de UA, Universiteit Antwerpen. De eenmaking heeft ook het statuut van de UA Student tot stand gebracht. Naast de rechten en de plichten van de UA student die we in het statuut terugvinden, lees je er – mede dankzij de eenmaking – ook over de oprichting van één overkoepelende studentenvereniging. En dat is VUAS, de Verenigde UA Studenten.

Zowel op vraag van de koepelverenigingen, ASK-Stuwer (RUCA), Stuwer-ASK (UIA) en Unifac (UFSIA), als ook op vraag van de UA zelf zijn deze drie nauwer gaan samenwerken, zodat er één aanspreekpunt voor de studenten van de Universiteit Antwerpen werd gecreëerd. Het praesidium van VUAS is samengesteld uit telkens twee leden van de koepels. Voor Unifac zijn dit Michael Verdonck en Jurgen Schelfaut (respectievelijk praeses en vice-praeses), voor Stuwer-ASK Maaike Van Overloop en Kris Cox (idem) en voor ASK-Stuwer tenslotte Carla Clé en Giovanni Gijsels (praeses en financiën).

 

Kandidaten

In de verschillende universitaire instellingen hebben de studenten altijd veel inspraak gekregen op alle niveaus. Dit is ook zo voor de UA. Democratisch verkozen studenten kunnen hun verantwoordelijkheid opnemen in alle beslissings- en adviesorganen: Raad Van Bestuur, faculteitsraden, onderwijscommissies,.... Vanaf het moment dat alle open vacatures geweten zijn, zal VUAS die aan de studenten bekend maken. Kandidaten kunnen zich dan voor de betreffende functies opgeven en de studenten beslissen zelf door wie ze zich vertegenwoordigd willen zien in de hogere raden.

 

In de studentenraad en de Algemene studentenvergadering krijgen studenten de kans hun stem te laten horen naar de academische overheid toe. In de studentenraad is er overleg tussen de studentengemeenschap, die bestaat uit de studenten in de raad van bestuur, in de faculteitsraden, in de onderwijsraad, in de commissies en bij VUAS enerzijds en de vertegenwoordigers aangeduid door de rector anderzijds. Het doel van deze vergadering is niet te onderschatten. Ze zorgt er immers voor dat de academische overheid minstens één maal per jaar verplicht overleg pleegt met de studenten vertegenwoordigers zodat verzuchtingen die op een campus leven kunnen besproken worden.

 

Studenten kunnen en moeten met één gezamenlijke stem naar buiten treden.

 

Gefuseerd

De Algemene Studentenvergadering van zijn kant stelt zich als doel een breed democratisch forum te vormen om alle studentenaangelegenheden te centraliseren. De algemene studentenvergadering bestaat uit het VUAS-praesidium, de studentenvertegenwoordigers die ook in de studentenraad zetelen en telkens twee vertegenwoordigers van de faculteitskringen en andere door VUAS erkende kringen. Op die manier kunnen en moeten studenten met één gezamenlijke stem naar buiten treden. In die zin is de algemene vergadering ook de eerste echte gefuseerde studentenvergadering, over de drie campussen heen.

 

Binnenkort kan je alle informatie vinden op de website www.vuas.be die echter momenteel nog volop in de maak is. Naast onze contactgegevens zal je op de site ook de coördinaten kunnen vinden van alle studentenvertegenwoordigers, het statuut van de UA student (enkele belangrijke rechten die terug te vinden zijn in het statuut is het recht op een cursus en aanstelling van een onafhankelijke ombudspersoon), enzovoort. Een papieren versie van het statuut van de UA student kan indien gewenst geraadpleegd worden op de headquarters van uw koepelvereniging.

 

ASK-Stuwer: Gebouw E, Middelheimlaan 1, 2020 Antwerpen
Stuwer-ASK: Socio-culturele dienst, gebouw G, universiteitsplein 1, 2610 Wilrijk
Unifac: Kauwenberg 22, 2000 Antwerpen

 

 

Het VUAS-praesidium,
Michael Verdonck, Jurgen Schelfaut, Giovanni Gijsels, Maaike van Overloop, Kris Cox en Carla Clé



Vraaggesprek met Antwerps N-VA-boegbeeld Bart De Wever
01/10/2003
🖋: 

Bart De Wever, ondervoorzitter van de N-VA, heeft er een studentikoos verleden op zitten. Na zijn Grieks-Latijnse humaniora vatte hij op UFSIA de kandidaturen geschiedenis aan. De licenties doorliep hij te Leuven. Ondanks zijn activiteit binnen het Katholiek Vlaams Hoogstudentenverbond en de redacties van de studentenbladen ‘Tegenstroom’ en ‘Ons Leven’, studeerde hij af met grootste onderscheiding. Daarna ruilde hij de universiteit één jaar lang voor de Koninklijke Militaire School, alvorens als assistent op de KUL te worden onthaald.

Geert Bourgeois kondigde na de teleurstelling van 18 mei aan dat de N-VA in 2004 een thuismatch zal spelen en men de moed dus maar niet moet verliezen. Welke voordelen zullen de Vlaamse parlementsverkiezingen u bieden?

Bart De Wever Wij scoorden in het verleden altijd beter op het Vlaamse niveau dan op het federale, zelfs bij gelijktijdige verkiezingen met het federale niveau zoals in ’99. De mensen associëren het Vlaams parlement blijkbaar met een Vlaamse stem en wijken eerder uit naar een vlaamsgezinde partij. Bovendien zijn we op 18 mei maar nipt onder de kiesdrempel blijven steken. We weten met andere woorden dat zetels binnen handbereik liggen.

 

De Vlaamse onafhankelijkheid is volgens u geen revolutie maar een evolutie. Wat zijn dan de meest essentiële redenen om een onafhankelijke Vlaamse staat te realiseren?

De Wever Een lidstaat in de Europese Unie bedoelt u. Dat onderscheid is belangrijk. Het concept ‘Vlaamse staat’ heeft eerder een 19de-eeuwse connotatie. In een Europese context zijn we per definitie afhankelijk van de ons omringende gemeenschappen. Een eerste reden voor een onafhankelijk Vlaanderen in een confederaal Europa is het democratisch deficit van België. In dit land bestaan twee democratieën parallel naast elkaar. Na elke verkiezing worden zowel Vlamingen als Franstaligen bestuurd door partijen waar ze niet voor konden stemmen. Die partijen houden vaak geen rekening met wat men aan de andere kant van de taalgrens denkt. Bovendien zijn er op eender welk federaal ministerie nog allerhande blokkeringen. Justitie is een goed voorbeeld. Bijna iedereen in Vlaanderen is voor het jeugdsanctierecht, maar Wallonië was tegen en het kwam er niet. Omgekeerd speelt dat ook. Wij hebben de Walen de tabaksreclame op Francorchamps niet te verbieden, maar het is wel gebeurd. Toch trekken de Franstaligen in dit geschipper systematisch aan het langste eind. Tenslotte is er de factuur van dit land. België kost Vlaanderen ontzettend veel geld. Met de miljardentransfers van Vlaanderen naar Wallonië financieren we eigenlijk grotendeels misbruiken in de sociale zekerheid. Dat zijn geen fantasieën van een overjaarse flamingant hé. Lees de rapporten van de OESO en het IMF er maar op na. Als je de zaken louter rationeel benaderd, denk ik dat het Belgische bestuursniveau op termijn eigenlijk niet veel zin meer heeft. Ik beschouw de Vlaamse onafhankelijkheid als een evolutie naar supranationalisering waarbij we bij verdrag in confederatie bevoegdheden doorschuiven naar Europa en afspreken hoe die uitgevoerd moeten worden.

 

Indien deze evolutie zich voltrekt zou de N-VA haar bestaansredenen langzaam maar zeker zien verdwijnen?

De Wever Op staatkundig vlak is dat inderdaad zo. We hebben een duidelijke rationele analyse van hoe we staatkundig Europa willen intreden. Op het moment dat dat gerealiseerd is, zouden we kunnen ophouden te bestaan. Naast onze staatkundige punten hebben we ook nog een maatschappelijk programma, een vrij unieke ethisch-culturele cocktail, die vaak over het hoofd gezien wordt.

 

Wat zijn juist de ingrediënten van die cocktail?

De Wever Sociaal-economisch zijn wij vrij liberaal. We zetten het ondernemersbelang steeds voorop. Een Vlaming is op dat vlak niet zo progressief, maar wil wel zijn boterham verdienen. Op cultureel-ethisch vlak zijn wij geen liberalen, eerder gemeenschapsdenkers. De Vlaming is op dat gebied geen doorwinterde conservatief, maar ook geen mens met een vrijheid-blijheidmentaliteit. Deze standpunten zouden zeker wel aanslaan, maar ze worden doorgaans fout gepercipieerd: ofwel ben je een Blokker, ofwel ben je politiek correct en uiterst relativistisch.

 

Regionalisering

Vorig jaar voerde de N-VA aan de UA een actie rond de Bologna-akkoorden. Waarom is uw partij een tegenstander van de universitaire gelijkschakeling op Europees niveau?

De Wever Ik ben zeker niet tegen een harmonisering van de onderwijskwaliteit. Als Europa op dat vlak een rol wil spelen, kan ik daar mee leven. Anderzijds hoeft men om die reden heel ons hoger onderwijs, dat tot het beste van de wereld behoort, nog niet op het Angelsaksisch model te gaan oriënteren. Men kan ook Europese kwaliteitsnormen opstellen en nagaan welke instellingen daaraan voldoen. Die bevoegdheid moet aan de specifieke organisator van het onderwijs toegekend worden, in ons geval de deelstaat Vlaanderen. Met die regeling heb je die hele BaMa-structuur niet nodig. Het volstaat dat je naar het buitenland gaat en kunt zeggen “mijn titel is gelijk aan dit”. Wij hebben ook gefocust op de verengelsing van het cursusmateriaal. We hebben 150 jaar moeten knokken om van het Nederlands een wetenschapstaal te maken en nu zouden we dat zelf afschaffen. Dat gaat mij te ver.

 

De N-VA stelt dat een regionalisering van het arbeidsbeleid de Vlaamse economie en tewerkstelling ten goede zal komen. Is de huidige economische malaise niet eerder te wijten aan de conjuncturele toestand op wereldvlak?

De Wever In zekere zin wel. De economie en zeker de conjunctuur is voor een groot stuk geglobaliseerd. Wat een staat op zich daaraan kan remediëren is heel beperkt. Danny Roderick van de universiteit van Harvard zegt dat je precies daarom moet focussen op de dingen die je nog in eigen handen hebt. Dat gaat over de kwaliteit van dienstverlening, infrastructuur, onderwijs en ook over fiscaliteit. Die instrumenten moeten de deelstaten in handen hebben, want in België zit men per deelstaat met een heel specifieke economische situatie: de Vlaamse KMO-economie tegenover een sterk op de overheid gerichte Waalse economie. Als men op die twee verschillende modellen dezelfde economische politiek toepast dan komt men tot een inefficiënt beleid. De regionalisering van alles wat met werkgelegenheid te maken heeft, is dus in het belang van beide deelstaten.

 

Welke oplossingen zou u voor de hoge werkloosheid aandragen?

De Wever Dezelfde instrumenten waar Roderick naar verwijst zijn ook hier van belang. Een eerste instrument dat we zelf in handen hebben is het onderwijs. Slechts 2% van de Vlaamse afgestudeerden begint als zelfstandige. Dat is een dramatisch laag cijfer voor een KMO-economie die het moet hebben van mensen die zelf iets willen beginnen. De dienstverlening zou in dat verband ook meer afgestemd moeten worden op het ondernemersbelang. Ten tweede kan ook de infrastructuur sterk verbeterd worden. Zo zou het voor de Antwerpse haven uiterst nadelig zijn als wij van de Walen geen toelating krijgen om een tweede havenontsluiting te creëren. Een laatste oplossing zie ik in de fiscaliteit. Nergens in Europa is het zo duur om iemand tewerk te stellen als hier. Wij stellen dus voor om een aantal dingen uit de loonkost te halen en die uit algemene middelen te financieren.

 

Wat met de bestrijding van jongerenwerkloosheid?

De Wever Het huidige activaplan is eigenlijk zo slecht nog niet. Het principe dat men verlaging krijgt op de lasten van de arbeid als men een jongere aanneemt, is bijvoorbeeld een goed instrument. Daar situeert zich namelijk het probleem. Men geraakt als jongere gewoon niet gestart op de arbeidsmarkt. Vooral in tijden van recessie zien we het fenomeen opduiken waarbij ervaren werkkrachten met jobs van jongeren gaan lopen. De enige echte oplossing is een verbetering van de conjunctuur. Met de beperkte middelen die je daarvoor hebt, moet je daar iets aan trachten te doen. Dan zal dat probleem zich voor het grootste deel zelf oplossen.

 

Conservatief Sociaal

Komt het inburgeringsdecreet van deze Vlaamse overheid tegemoet aan de eisen die N-VA inzake inburgering stelt?

De Wever Wij hebben geen enkel probleem met een multi-etnische samenleving. We wensen wel maar één burgerschap dat we als absoluut beschouwen. Vanuit zijn particuliere culturele eigenheid moet men daar geen uitzondering op vragen. Verplichte inburgeringstrajecten zijn dus noodzakelijk. Er is tot nu toe geen enkele eis gesteld aan de mensen die sinds de jaren 60 uit de Magreb-landen naar hier zijn gekomen. Nu stelt men vast dat de integratie mislukt is. Dan vraag ik mij af over welke integratie zij het hebben, want men heeft er nooit echt een poging toe gedaan. Ik ben dus niet tegen een multi-etnische samenleving en evenmin tegen migratie op zich, maar ze moet goed georganiseerd zijn.

 

In De Standaard van 16/08/03 zegt u in een opiniestuk over Edmund Burke: “Geen politicus in Vlaanderen die zich conservatief noemt. Een hardnekkige karakterstoornis, die me in de ogen van velen wellicht tot een arrogant en irritant kereltje maakt, geeft me alleen al daarom zin het predikaat conservatief enthousiast te aanvaarden als geuzennaam.” Vindt u dat het conservatisme in Vlaanderen een te negatieve bijklank heeft?

De Wever Niet alleen in Vlaanderen, maar in de hele Westerse wereld wordt het conservatisme negatief gepercipieerd. Wie het woord conservatisme hoort, denkt zeker aan een oude kwezel of een fanatieke Blokker. De essentie van het conservatisme maakt echter de sokkel van mijn politiek denken uit. Waarom zou ik mij dan niet noemen wat ik ben, namelijk conservatief sociaal. Ik kreeg immers vele positieve reacties op dat stuk. Men was blij dat eindelijk iemand durfde te zeggen dat we niet moeten meedoen met die politiek correcte nonsens en alles fantastisch moeten vinden op cultureel-ethisch vlak. Ook enkele CD&V’ers reageerden positief. Ik wilde met dat stuk naar hen ook een signaal geven om te zeggen: “Zo zie ik het.” Uiteindelijk bleek men toch niet bereid om de stap naar een kartel te zetten.



Campus Lawijt
01/10/2003
🖋: 
Auteur extern
Valentijn De Boe

In een andere, grotere studentenstad met meer prestige en hier niet eens zo ver vandaan, vergelijken studenten hun rector wel eens met Napoleon. Meer dan 40% van de hele Vlaamse studentenbevolking wist deze ‘il Magnifico’ handig aan zijn heerschappij te onderwerpen en thans werkt hij aan de bestendiging van zijn macht. Zijne Doorluchtigheid weigert immers consequent elke vorm van reële studenteninspraak in de Katholieke Associatie die hij creëerde en opperde bovendien om de verkiezingen van de rector te vervangen door een assessment-procedure. Niet onlogisch dat men zulk een figuur al snel keizerlijke neigingen toedicht.

Aan de Universiteit Antwerpen vergelijken studenten hun rector niet met Napoleon. Aan de Universiteit Antwerpen hangt een ijselijke stilte bij het begin van dit academiejaar, in de verte ruist slechts stilletjes de Stroom. Inderdaad, op de een of andere manier is de traditionele studententoespraak bij de traditionele opening van het, naar aloude traditie, elk jaar met veel traditionele en zwollige poeha te openen academiejaar uit het programma geschrapt. Slechts na lang aandringen werd de studenten een aalmoes toegeworpen. Vijf minuutjes om gezichtsverlies tegen te gaan.

 

Ik moet eerlijk toegeven dat ik nog nooit getuige heb mogen zijn van die studententoespraak. In Leuven wordt die wel elk jaar gepubliceerd en meestal gaat het om nogal scherp geformuleerde teksten, een gezond rondje rector-bashing waarbij ‘s mans beleid eens flink op de korrel wordt genomen. Traditioneel klinkt er dan altijd wat gegeneerd voetengeschuifel vanop de bankjes van de hoogwaardigheidsbekleders.

 

In Antwerpen heeft men blijkbaar wat genoeg van dat gênante gedoe. Of vreest men misschien een studentikoze sneer naar het associatiegeknoei dat nog altijd in nevelen van mysteriositeit gehuld blijft? Feit is dat de inbreng van de student blijkbaar ongewenst is, en dat is geen Antwerps, maar een Vlaams zeer.

 

Misschien gaan die studenten ook zelf niet helemaal vrijuit. Een enquête van de Vereniging Vlaamse Studenten bracht aan het licht dat ondanks alle inspanningen niet eens de helft van de betrokken studenten ook maar het flauwste benul heeft van wat BaMa en associatietoestanden nu concreet voor hen gaan veranderen. De communicatie met de basis is erbarmelijk, de teksten zijn hermetisch en de bevoegde minister incompetent en visieloos.

 

Niet echt vrolijk om het jaar mee te beginnen, maar wie nood heeft aan een portie vrolijke peptalk moet zijn/ haar licht maar gaan opsteken op de academische openingszitting van dit jaar. U bent vriendelijk uitgenodigd, en als u stil en braaf bent, krijgt u achteraf misschien een drankje. Weet u wat ik nog het treurigste vind? Dit tekstje moest geschreven worden door een student uit Leuven.

 

 

Valentijn De Boe
www.kabaal.org, niet voor meelopers



01/10/2003
🖋: 
Auteur

“Ik ben geboren. Dit moet worden aangenomen, alhoewel een absoluut-objektief bewijs niet is voor te brengen. Axioom is het domein van de subjektieve ervaring. Objektief is het slechts gissen.” Objectief werd hij geboren in de Lange Leemstraat 53, op 22 februari 1896. Een geboortehuis dat thans te koop staat. Als schrijvershuis kan het echter niet verkocht worden. In 1913 verhuisde de vader als rentenier met zijn familie naar Hove, nog voor zijn jongste zoon de eerste gedichten voortbracht. Bekend bleef die echter wel in de buurt, als afnemer van opiaten en andere derivaten bij de plaatselijke apotheker. Niet dat er enige afschriften van terug te vinden zijn. Verdovende middelen waren immers niet alleen vrij verkrijgbaar tot aan W.O. I, ze vormden meer dan eens het hoofdbestanddeel van de toenmalige medicijnen. De zoon vertrok na afloop van W.O. I naar Berlijn, uit schrik voor repressies omwille van zijn opgemerkt flamingantisme. Het gerucht bleef hardnekkig rondwaren. “Na zorgeloos leven kamp voor het bestaan te Berlijn, Potsdam en Spandau. Niet romantisch. Fantasie is de vertelling dat ik het van liftboy tot eigenaar van een nachtlokaal zou hebben gebracht. Ben veel te primitief om een vooraanstaande plaats in de samenleving te bekleden. Spijts zeer verlangend het niveau der vlaamse dekadenten te bereiken, begrijp ik mijn 'Unfähigkeit'". Wat rest in de buurt zijn herinneringen aan een zoon die het nooit ver had gebracht, een liederlijk leven leidde, het familiefortuin verkwanselde. “Drie boeken uitgegeven: Music-Hall, het Sienjaal, Bezette Stad. Misschien is ook dit slechts massahypnose. Wie kan dit bewijzen dat hij deze boeken heeft gelezen? Laat staan: begrepen. God beware: begrepen. Ik heb ze zelf niet begrepen.”

 

“Ik moet u – jammer genoeg – melden dat er binnen de stedelijke begroting momenteel geen ruimte is om geld vrij te maken voor de eventuele aankoop van het Paul van Ostaijen-huis… Het kan niet als museum worden ingericht… Je zou het huis een bestemming kunnen geven als een soort schrijvershuis… maar dergelijke taken behoren dan weer niet tot de kerntaken van het stadsbestuur…”
Eric Antonis, schepen.



cultuurstrookje
01/10/2003
🖋: 

Ben je ooit al naar een wedstrijd ballroomdansen gaan kijken? Ik ook niet, maar ik heb er wel van gehoord. Tussen hun optredens kan je de koppels best niet tegenkomen; de deelnemers worden zo opvallend gegrimeerd dat je denkt dat je op een circusvertoning van Chico de clown bent. Op die manier lijken ze mooi opgemaakt tijdens het dansen. Datzelfde merkte ik spijtig genoeg op tijdens de avantpremière van de nieuwe musical Grease. Geen slecht woord over de opvoering van de cast, een kenner ben ik immers niet, maar de hoofdrolspeelster was zo overdadig gemaquilleerd dat ik en mijn gezelschap duchtig hebben zitten twijfelen of we met een vrouw of een transseksueel te maken hadden. Ook de vetkuiven van menig T-Bird waren trouwens zichtbaar vanop de maan. Misschien proberen ze zo wel een nominatie voor ‘Beste Grime’ in de wacht te slepen?

 

Nog te zien van 14 tot 19 oktober in de Grenslandhallen te Hasselt.