Nekka-Nacht 2002
01/04/2002
🖋: 
Auteur

Bij Nederlandstalige liedjes denken de meesten onder ons spontaan aan het genre van Bart Kaëll, Luc Steeno, Jo Vally en anderen die reeds het Kaf van de UIA onveilig hebben gemaakt. Maar men vergeet daarbij vaak dat er ook goede Nederlandstalige muziekmakers zijn. Nekka, wat staat voor Nederlandstalige Kleinkunst Antwerpen, zorgt ondertussen al negen jaar voor een forum waarop deze mensen hun ding kunnen doen.

Nadat Nekka zich vorig jaar met namen als Stef Bos, Johan Verminnen en Boudewijn De Groot meer richtte op de Nederlandstalige kleinkunst, krijgt dit jaar het cabaret de kans om het brede publiek te bereiken. Hiervoor rekent men op een centrale gast om de duimen en vingers bij af te likken: De Nieuwe Snaar. Jan De Smet en zijn mannen, die dit jaar hun twintigste verjaardag vieren en zich sinds de komst van een bassist een kwartet mogen noemen, zijn vrijwel bij iedereen bekend en behoeven aldus geen verdere presentatie.

 

Kommil foo

Voor het vleugje humor wordt ditmaal een beroep gedaan op enkele ‘grootmeesters’, met name de gebroeders Raf en Mich Walschaerts (beter bekend als Kommil Foo), Freek de Jonge, Raf Coppens (winnaar Humo’s Comedy Cup 1999) en De Schedelgeboorten.

 

Verder prijken op de affiche de namen van Bart Peeters (zonder circus), Jan De Wilde, Flip Kowlier (winnaar van twee Zamu Awards dit jaar en verder bekend van de hiphopgroep ‘T Hof van Commerce), Laïs en Troissoeur.

 

Jong talent

Ook nieuw, jong talent krijgt de kans zich te bewijzen met een heuse Nekkawedstrijd midden maart in de Arenbergschouwburg. Tijdens de finale krijgen zes finalisten de kans, naast andere prijzen, een optreden te winnen op de Nekka- Nacht.

 

Nekka-Nacht 2002 gaat door op vrijdag 19 april in het Antwerpse Sportpaleis, dit vanaf 20.30u. Tickets kosten tussen 16 en 29 euro (reductie mogelijk) en kunnen worden verkregen op het nummer 078/15 51 51.



En wat als het kriebelt?
01/04/2002
🖋: 

We hebben alles. Nee, niet echt alles. Toegegeven, geen psychologie of burgerlijk ingenieur, maar wie maalt daar nu echt om? We mogen eigenlijk gerust trots zijn, wij, de UA en de geassocieerde hogescholen. Als je naar Antwerpen komt om te studeren, kan je kiezen uit een rijk gevuld vijfsterrenbuffet. Wil je vertaler-tolk doen, of interieurarchitectuur? Of liever mechanica of zang of ergotherapie? De Associatie Antwerpen heeft echt alles. Alles... behalve sport.

Dat is natuurlijk niet de fout van de UA zelf, of van de Associatie en nog minder van de studenten. Eerder van ons aller Marleentje, hoor ik u natuurlijk luidop denken, en daar heeft u ergens wel gelijk in. Dergelijke materies worden immers centraal (lees: door de gemeenschappen) geregeld. De Vlaamse overheid bepaalt welke instelling welke diploma’s kan uitreiken etc.

 

Nederland

Het Nederlandse systeem is anders: daar bepaal je als onderwijsinstelling zelf wat je aanbiedt. De echte fanatiekelingen kunnen het op de website van het Vlaams Ministerie (www.vlaanderen.be) of in de bibliotheek van de UIA gerust eens opzoeken: het decreet van 12 juni 1991 betreffende de universiteiten in de Vlaamse Gemeenschap is duidelijk: geen sportopleiding in het Antwerpse.

 

Rijper

Natuurlijk kan zo’n decreet gewijzigd worden en dat hoeft niet eens zo moeilijk te zijn. Op de RUCA- en UIA-campus zijn voldoende faciliteiten, de vele Sinjoren die Leuven, Brussel of Gent opzoeken zouden er maar wat blij mee zijn. Zeker nu, met de hervormingen die op til zijn na Bologna, met de nieuwe studierichtingen die de UA vanaf volgend academiejaar mag inrichten, lijkt de tijd rijper dan ooit. Blijkbaar is de UA zelf nog niet rijp genoeg, en staat de Associatie nog in te kleine schoenen om de vereiste druk te kunnen uitoefenen. Grote broer Leuven kan er maar wel bij varen.

 

Over de nakende uitbreiding van onderwijsbevoegdheid van de UA in de toekomst meer in het volgende nummer van dwars. Voor zover we weten hoort sport daar niet bij.



01/04/2002
🖋: 
Auteur

Prof. Dr. Chris Van den Wyngaert heeft rechten en criminologie gestudeerd aan de Vrije Universiteit Brussel, welke studies ze vlot wist te combineren met een opleiding aan het conservatorium. Als professor heeft ze zich verregaand toegelegd op de studie van het internationaal strafrecht en strafprocesrecht.

Verdere faam heeft ze bij het grote publiek verworven doordat ze fungeerde als vice-voorzitter in de commissie Franchimont en herhaaldelijk zetelt als ad hoc-rechter in het Internationaal Gerechtshof in Den Haag.

 

Op 14 maart gaf ze, in het kader van de feestdag op de UFSIA, een interessante uiteenzetting waarbij ze het algemene belang van internationale verdragen in het kader van een streven naar een internationale eenmaking van strafrecht en strafrechtspleging benadrukte. Onze redactie hoopt haar persoonlijk te kunnen begroeten in het volgende nummer waarbij de vraag naar internationalisering ongetwijfeld verder zal worden uitgespit.



01/04/2002
🖋: 

Theo Dielissen, ooit nog Belgisch kampioen basketbal, staat vandaag aan de top in het Belgische bedrijfsleven. De UA-socioloog sprak, in het kader van de feestelijkheden op de UFSIA, tot de studenten van de faculteit TEW en tot alle andere geïnteresseerden in de nagelnieuwe aula rector Dhanis.

Als CEO van Real Software, Belgisch leider inzake procesautomatisering, overliep Dielissen de crisis waar hij zijn bedrijf veilig doorheen loodste. Hij kreeg hiervoor eerder dit jaar de prestigieuze erkenning ‘manager van het jaar’. Verder werd er nog een korte film getoond met de belangrijkste mensen die Real Software overeind hielden in de woelige periode – deze leek echter vooral publicitair i.p.v informatief bedoeld. Tenslotte zette Dielissen nog kort de toekomstplannen van het bedrijf uiteen, en was er nog ruim de tijd voor een aantal vragen.

 

Over inhoudelijke details wil ik hier niet uitwijden, dat zou ons te ver brengen. Moge het echter duidelijk zijn: de afwezige wiens economische kijk enigszins verder reikt dan zijn neus lang is, had ongelijk. Al was het maar door de gratis vaten die Real Software na de lezing gaf.



¡Kabaal! laat van zich horen
01/04/2002
🖋: 
Auteur extern
Pieter Capiau

De vraag of migrantenstemrecht op gemeentelijk vlak een positieve bijdrage kan leveren aan het democratisch gehalte van een beleid werd recentelijk behandeld door ¡Kabaal! gedurende een van de wekelijkse lunch-debatten (iedere vrijdag van 13.00-14.00 u in lokaal R009 op de UIA-campus). De onderstaande tekst kan beschouwd worden als een beknopte samenvatting van het integrale debat.

Vooreerst dienen een aantal bedenkingen gemaakt bij de problematiek van het migrantenstemrecht op gemeentelijk vlak. Zo kan men de vraag stellen wie eisende partij is in het debat. De allochtone bevolking als dusdanig? Veeleer wordt de indruk gewekt dat er eerder gewag kan gemaakt worden van enige politieke stuntvorming georganiseerd in de schoot van bepaalde politieke partijen.

 

Voorts moet worden geattendeerd op het feit dat het in casu de toekenning van een recht betreft aan alle niet-EU-onderdanen die een bestendig verblijf genieten in België, daar waar autochtone Belgen nog steeds geconfronteerd worden met een opkomstplicht. Op die manier ontstaat er een manifeste schending van het gelijkheidsbeginsel zoals geponeerd in de Belgische grondwet, daar er voor een verschil in behandeling tussen autochtonen en allochtonen bezwaarlijk een redelijke verantwoording kan gevonden worden.

 

Het principiële argument dat door de voorstanders van het invoeren van migrantenstemrecht wordt gehanteerd, is de democratische terugkoppeling die erdoor gecreëerd zou worden. Democratie is immers steeds, naast het vertolken van de stem van een meerderheid, ook essentieel het beschermen van de rechten van de minderheid. Door het invoeren van migrantenstemrecht wint een beleid aan feitelijke legitimatie aangezien haar potentiële representativiteit toeneemt.

 

Echter, democratie is steeds ook een kwestie van engagement. Engagement impliceert een weten waarvoor men stemt, gekoppeld aan een verantwoordelijkheid voor de daaruit voortvloeiende consequenties. Bij het toekennen van stemrecht aan migranten die vaak de Belgische landstalen niet machtig zijn, wordt men op onvermijdelijke en noodzakelijke wijze geconfronteerd met een gemis aan voormelde vereiste. Allochtonen kunnen immers niet op een vrije en onafhankelijke wijze hun politieke mening kenbaar maken zonder gedegen taalnotie van Nederlands, Frans of Duits.

 

Daarnaast kan ook gewezen worden op het bestaan van de zogenaamde “Snel- Belgwet”, waardoor haast iedere vreemdeling binnen een relatief korte tijdspanne de Belgische nationaliteit en een stem kan verkrijgen.

 

Concluderend kan men stellen dat het een problematiek betreft die uitermate affectief geladen is en waarbij eerder een beperkt aantal rationele argumenten gehanteerd wordt.



Een blik in de UA-keukens
01/04/2002
🖋: 

U kent ze onderhand al wel, de studentencafetaria’s. Elke campus is er eentje rijk en ze zijn al net zo verschillend als de campussen zelf. Nochtans dienen ze allen eenzelfde doel: de verdorste student van het nodige vocht voorzien en de occasioneel hongerige maag in meer of mindere mate dempen.

Op de UIA zijn het de vrolijke, dikkerds Hans en Ivo die de dienst uitmaken en u, als u dat wenst, ook een heuse pint voor de neus zetten, een optie die nog steeds ontbreekt op het RUCA (Groenenborger).

 

En dat is niet het enige waarop u in ’t Kaf vergast wordt, want ten gepaste tijden geven Vlaanderens muzikale zonen en dochters een heus optreden ten beste. Ronkende namen als daar zijn Wendy Van Wanten, Eddy Wally, Zohra en zelfs K3 hebben ’t Kaf reeds met een bezoek vereerd en, podiumbeesten als ze zijn, de sfeer voor menige uren gegarandeerd.

 

Op het RUCA (Groenenborger) gaat men voor de relatief koele, doch ‘arty’ stijl, waarbij het overigens een koud kunstje is om te achterhalen waar de inspiratie gehaald werd. Deze Mondriaanse strakheid van ‘de passage’ staat evenwel in schril contrast met de immer vrolijke ‘kassamadam’: ons aller schatje.

 

Rest ons nog de Agora, waar men naast een stevige pint ook de betere snack serveert. En dit tot in de latere uurtjes, alwaar de andere cafetaria’s er meestal vroegtijdig de brui aan geven.

 

 

Foto's

Twee foto’s onderaan en in het centrum: RUCA resto op de Middelheimcampus.

Twee foto’s bovenaan: UIA resto in gebouw G.



De eenmaking is nabij
01/04/2002
🖋: 

“Het wordt tijd dat we korte metten maken met al dat gezever rond de eenmaking van de Universiteit Antwerpen,” moeten de vier rectoren gedacht hebben. Hoewel je nu te pas en te onpas over de UA hoort spreken, is deze op papier voorlopig slechts een samenraapsel (ze noemen het een “confederatie”) van drie instellingen, namelijk het RUCA, de UFSIA en de UIA. Elk van die drie heeft daar momenteel zijn eigen structuren, eigen studenten, eigen gebouwen, eigen karakter en vooral haar eigen willetje.

Het heeft heel wat voeten in de aarde om die drie verschillende instellingen te laten samensmelten. Zowel het RUCA, de UFSIA als de UIA moeten worden opgeheven en ze moeten overgaan in die nieuwe UA. Vooreerst moeten dus de Raden van Bestuur (op RUCA en UIA) en de Algemene Vergadering (op UFSIA) het eens zijn met de verse structuur van die eengemaakte universiteit. Daarna moet er ook nog een nieuw decreet door het parlement geraken dat de oprichting van de UA, en de bijhorende neveneffecten, wettelijk vastlegt.

 

Begin maart zijn de vier rectoren het na een epische strijd eens geraakt, en met hen het uit hoge pieten bestaande Bureau UA. Ze hebben nu een voorstel klaar (“ontwerpovereenkomst houdende handvest van oprichting van de eengemaakte Universiteit Antwerpen”) waarover ze het met z’n vieren eens zijn. Nu is voor hen de heldhaftige taak weggelegd om deze overeenkomst, ze noemen het “een goed voorstel”, met hart en ziel te verdedigen in hun eigen instellingen. Op de volgende geven we een kort overzicht van wat er in dat voorstel zoal te vinden valt, en hoe het zit met de studentenvertegenwoordiging. Rector-voorzitter Francis Van Loon geeft er tekst en uitleg bij.

 

Wat betreft de vertegenwoordiging van de studenten merkt de rector-voorzitter op dat ze tot in de hoogste organen van de UA vertegenwoordigd zijn, met evenveel gewicht als gewoon ZAP, AAP en ATP. Men wil nog wel een soort “kamer van studenten” op te richten, die als centraal aanspreekpunt voor de academische overheid zal fungeren. De toekomst zal hierover meer duidelijkheid moeten brengen, maar na de paasvakantie gaan de besprekingen van de academische overheid met de studentenvertegenwoordigers (UNIFAC, ASK, STUWER) reeds van start.

 

 

Raad van Bestuur

Dit is een raad van toezicht, met welbepaalde vaststaande bevoegdheden (zoals bijvoorbeeld de benoeming van proffen, assistenten en dergelijke).

Samengesteld uit: het rectoraat, 3 ZAP (1 humane, 1 geneeskundige, 1 exacte), 3 ZAP, 3 AAP, 3 ATP, 3 studenten, 3 externen (gecoöpteerd door de raad), 3 bijzondere externen (1 aangeduid door de minister van onderwijs, 1 door de gouverneur, 1 door de provinciaal van de sociëteit van Jezus).

Noot: het voorzitterschap van deze raad mag niet in handen zijn van iemand uit het rectoraat, dus ook studenten maken kans op deze benoeming (voor vier jaar weliswaar).

 

Bestuurscollege

Houdt de dagdagelijkse leiding van de universiteit in handen.

 

Samengesteld uit: rectoraat, algemeen beheerder, 1 ZAP, 1 AAP, 1 ATP, 1 student.

College van Beheer

Dagdagelijks beheer van de universiteit op administratief, technisch en financieel vlak.

Samengesteld uit: de algemeen beheerder en twee beheerders (deze laatsten hebben ook zitting in het bestuurscollege, met
raadgevende stem).

 

College der Decanen

Adviesorgaan van de faculteiten

 

Samengesteld uit: de decanen van de faculteiten of gelijkgestelde instellingen.

 

UZA

Voor het Universitair Ziekenhuis (UZA) zijn er analoge beheersorganen uitgewerkt.

 

Verklaring afkortingen
Assisterend Academisch Personeel (AAP): assistenten
Zelfstandig Academisch Personeel (ZAP): proffen
Administratief en Technisch Personeel (ATP): secretaressen, magazijniers,...



cultuurstrookje
01/04/2002
🖋: 
Auteur extern
KVD

Zit je met je gedachten al in het zonnige zuiden, bij felgekleurd katoen, voorbij de eerste lentekriebels? Tijdens de Awareness-week op UFSIA stond een onderwijsproject in India centraal, maar ook de Singel heeft aandacht voor dit complexe land. Proef tijdens het concertluik van haar festival India and U van het exotische India: nog tot 21 mei worden je drie Indiase grootmeesters en hun instrument voorgeschoteld. Grijp de kans om levende legende Vilayat Khan (°1922) , die wegens zijn hoge leeftijd nog maar weinig publieke concerten geeft, aan het werk te zien op de Noord-Indiase tokkelluit. Als je nog nooit van bansuri-fluit, sitar, gayaki-stijl of tabla hebt gehoord, dan zal je als westerse mens zeker niet op je honger blijven zitten.

 

Concerten op vr 29 maart, wo 24 april en di 21 mei 2002, telkens in de Blauwe Zaal van de Singel. Voor meer info en tickets: de Singel, Desguinlei 25, 2018 Antwerpen - 03/248.28.28 of op www.desingel.be



01/04/2002
🖋: 
Auteur extern
EP

Amélie Poulin vertederde onlangs menig cinefiel hart. Nauwelijks is zij uit de zalen verdwenen, of onze zuiderburen komen reeds met een volgende fabuleux destin aandragen. 8 femmes is een verrassende kruisbestuiving tussen film, toneel en musical, die baadt in een Frans sfeertje.

 

Het verhaal lijkt op het eerste gezicht even eenvoudig als de decors: de vader des huizes wordt vermoord aangetroffen en enkel één van de 8 vrouwen die hem omringden, kan de dader zijn. In hun onderzoek leggen de kletsende vrouwen echter veel meer bloot.

 

8 femmes van François Ozon met o.a. Cathérine Deneuve, Isabelle Huppert, Danielle Darrieux, Emmanuelle Béart,… nog in de zalen zolang ze hem draaien.



cultuurstrookje
01/04/2002
🖋: 
Auteur extern
KJ

Nee, niet dat bekende boek van Bart Moeyaert. Wel een boek uit de Cosmopolitan reeks geschreven door Jenny Colgan. Het niveau ligt dus wel een stuk lager dan bij Bart Moeyaert. Je kan het vergelijken met Bridget Jones’s Diary. Bridget is hier de freelance bloemiste Holly. Haar leven is een beetje een puinhoop. Ze is ervan overtuigd dat haar huisgenoot Addison de liefde van haar leven is. Hij doet ‘iets’ met computers en zit bijgevolg 24 uur per dag achter zijn beeldscherm. Een klein probleempje dus.

 

Holly’s doel is dan ook om Addison buiten te krijgen en hem te kussen. Het boek zit vol absurde gebeurtenissen. Het einde is natuurlijk voorspelbaar. ‘Kus me!’ is in ieder geval eens iets anders dan al die boeken die ‘je zeker moet gelezen hebben’. Ideaal voor tijdens de examens of op vakantie: niet nadenken en af en toe tot de conclusie komen ‘shit, dat komt me bekend voor!’

 

‘Kus me!’ van Jenny Colgan uitgegeven door De Boekerij Amsterdam in 2001; ze schreef eerder ook ‘Hebbes!’. Andere boeken uit de Cosmopolitan reeks vind je zeker in iedere zichzelf respecterende bibliotheek.