Camille Van Landegem

Student@work, bekend bij de student?

Als student heb je waarschijnlijk wel gehoord van Student@work, de applicatie die je toont hoeveel je in een jaar mag werken. In 2017 voerde de Belgische overheid een grote verandering door in dit systeem. Vanaf dat moment kunnen studenten 475 uur werken in plaats van 50 dagen. Dit maakt dat ze ook halve dagen of zelfs enkele uren ingezet kunnen worden en zo makkelijker meer kunnen werken. Hoewel dit een positieve verandering was voor menig werkend student, bleek Student@work toch een doorn in het oog van velen. De applicatie is niet altijd even duidelijk, waardoor veel jongeren met vragen blijven zitten over hoeveel ze nog mogen werken, verdienen en wanneer ze dit precies mogen verdienen.

dekt de vlag de lading? (© Blomme De Geest | dwars)

dekt de vlag de lading?

De Universiteit Antwerpen gaat vooruit, groeit. Haar faculteiten groeien mee en soms hoort daar een naamsverandering bij. Letteren en Wijsbegeerte behoudt voorlopig haar naam, maar Toegepaste Economische Wetenschappen werd opnieuw gedoopt. Koen Vandenbempt is sinds oktober decaan en weidt uit over zijn hernoemde Faculteit Bedrijfswetenschappen en Economie.

Sarah-Lynn Clerckx (© Lukas Stevens | dwars)

een noodzaak tot uitdrukking

Kunstenaar of topsporter, bejaarde of ondernemer, geen enkele soort ontspringt de dans. Je wordt op een dag wakker met de intense drang om je bij de Universiteit Antwerpen in te schrijven. Het gevolg: zoveel vreemde vogels dat het uitzonderlijk wordt om normaal te zijn. Elke maand zetten wij een bijzondere student in de kijker.

schaap in wolfskleren (© Alex Noels | dwars)

schaap in wolfskleren

Voor de zoveelste keer schrap ik het woord ‘misschien’ uit een van de passages van mijn paper. Het hoort niet in de academische taal thuis. Ook om ‘eventueel’ en ‘wellicht’ manoeuvreer ik me voorzichtig heen, zodat wat ik schrijf krachtig klinkt. Eenmaal klaar heb ik een tekst vol statements die geen wolf omver kan blazen. Ze staan als een huis, niet van stro of hout, maar van steen.